De directeur-generaal van UNESCO, Irina
Bokova, herhaalt haar oproep tot kalmte in het gebied rond de Preah
Vihear- tempel, die sinds 2008 is ingeschreven op de
Werelderfgoedlijst. De voorbije dagen flakkerde een grensdispuut
tussen Cambodja en Thailand op. Daarbij bestookten de legers van
beide landen elkaar me artillerie en mortiervuur, met verschillende
doden en schade aan de werelderfgoedsite tot gevolg. Zo zou een
vleugel van de hindoetempel zijn ingestort.
"Ik wil zo snel mogelijk een delegatie naar het gebied sturen om de schade aan de tempel op te meten," zegt Bokova. "Werelderfgoedsites maken deel uit van het collectief erfgoed van de mensheid en de internationale gemeenschap draagt een bijzondere verantwoordelijkheid om het te vrijwaren. Dit vergt een gemeenschappelijke inspanning in een klimaat van overleg en dialoog. Erfgoed zou mensen moeten verenigen en dienen als een instrument voor dialoog en wederzijdse verstandhouding, niet als een bron van conflict."
De tempel werd in 1962 door het Internationaal Gerechtshof toegewezen aan Cambodja. Veel Thai kunnen zich moeilijk verzoenen met deze beslissing. De spanningen zijn de laatste tijd weer opgelopen door demonstraties in Bangkok, waarin van de Thaise regering werd geëist dat de Cambodjanen uit een omstreden strook grond bij de tempel worden verjaagd.
Het Preah Vihear-tempelcomplex is 800 meter lang en ligt op een 525 meter hoge berg in het Dongrekgebergte. Het is gewijd aan Shiva en bestaat uit een aantal heiligdommen die zijn verbonden door een systeem van voetpaden en trappen. Het complex dateert uit de eerste helft van de 11de eeuw en is uitzonderlijk omwille van zijn gebeeldhouwde versieringen en zijn architectuur die is afgestemd op de natuurlijke omgeving en de religieuze functie van de tempel.







