| |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
![]() |
![]() |
|
Een haalbare doelstelling | |
||||||||||
| |
Het prijskaartje | |
||||||||||||
| |
Onderwijs in landen in crisis | |
||||||||||||
| |
Nationale EFA-actieplannen | |
||||||||||||
| |
Alfabetisering en niet-formeel onderwijs | |
||||||||||||
| |
Onderwijs voor meisjes en vrouwen | |
||||||||||||
![]() |
|
Gezondheid op school | |
|||||||||||
| |
HIV/AIDS en onderwijs | |
||||||||||||
| |
De rol van de civil society | |
||||||||||||
| |
||||||||||||||
| |
De rol van de civil societyBij de bevestiging van hun steun aan de betrokkenheid van de civil society bij het onderwijsbeleid hebben de deelnemers aan het Wereldonderwijsforum de rol van de civil society in het onderwijs internationaal erkend. Uit wie bestaat de civil society?Over de definitie van civil society werd heel wat discussie gevoerd. In de EFA-context kan de civil society worden gezien als alle niet-gouvernementele groepen en verenigingen zonder winstoogmerk die betrokken zijn bij de campagne van Onderwijs voor Allen. Dit omvat ngo’s en campagnenetwerken, lerarenverenigingen en religieuze organisaties, gemeenschapsverenigingen en onderzoeksnetwerken, ouderverenigingen en beroepsinstanties, studentengroepen, sociale en andere bewegingen. De rol van de civil society in het onderwijsAlhoewel de Staat de ultieme verantwoordelijkheid blijft dragen voor en het uiteindelijke gezag blijft uitoefenen over het onderwijs, spelen organisaties van de civil society een belangrijke rol. Hierbij kunnen drie functies worden onderscheiden:
Wat is nieuw?Organisaties van de civil society organiseren zichzelf steeds beter om hun stem op een coherente manier te laten horen en systematisch relaties uit te bouwen met regeringen en internationale agentschappen. Dit wordt duidelijk op nationaal, lokaal, regionaal en internationaal niveau. De gemeenschappen worden steeds nauwer betrokken bij onderwijsvragen en nationale netwerken en campagnes, inzonderheid in Afrika, Azië en het Stille-Oceaangebied, winnen steeds meer aan belang. Regionale netwerken worden opgestart of uitgebouwd. Enkele voorbeelden hiervan zijn de African Network Campaign on EFA (ANCEFA), het Asian South Pacific Bureau of Adult Education (ASPBAE) en het Arab Resource Collective for Early Childhood Education. Een belangrijke stap voorwaarts werd gezet op de jaarlijkse vergadering van de NGO Collective Consultation on Education for All (Collectief overleg van ngo's over onderwijs voor allen) in Bangkok in juli 2001, waar zowat 100 ngo’s overeenkwamen om een nieuw partnerschapsmechanisme uit te bouwen voor Onderwijs voor Allen. Dit stelt zich tot doel om de dialoog met de UNESCO en andere spelers te verbeteren en gezamenlijke activiteiten uit te voeren op het gebied van onderzoek, capacity building, beleidsformulering, en controle en evaluatie. Op een speciale bijeenkomst over Betrokkenheid van de civil society bij onderwijs voor allen, die werd ingericht door de directeur-generaal van de UNESCO naar aanleiding van de 46ste vergadering van de Internationale Conferentie over Onderwijs, Genève, op 5 en 6 september 2001, hebben de onderwijsministers van Ghana, Mozambique, Nepal en Jemen samen met een maatschappelijke organisatie uit drie van die landen hun ervaringen met de samenwerking tussen de Staat en ngo's inzake Onderwijs voor Allen voorgesteld. De deelnemers hebben het belang van het leiderschap van de regering voor de coördinatie van de inspanningen van de civil society en van de invoering van mechanismen voor een systematische dialoog op nationaal en lokaal niveau benadrukt. Van dienstverleners naar partnersNu de deelname van de civil society aan het beleid in het Actieplan van Dakar is opgenomen, dient nog te worden verzekerd dat ze ook op het niveau van de individuele landen effectief in de realiteit wordt omgezet. Dit zal impliceren dat de beleidsdialoog wordt uitgebreid en dat meer omvattende benaderingen voor de formulering van het EFA-beleid worden uitgewerkt. In sommige landen kunnen de mogelijkheden van organisaties van de civil society om ten volle bij Onderwijs voor Allen te worden betrokken zeer beperkt zijn en moeten de overheden worden aangemoedigd om de beleidsprocessen democratischer en opener te maken. Het wordt hoe langer hoe duidelijker dat het opzet van Onderwijs voor Allen alleen zal kunnen slagen als het in een brede maatschappelijke beweging is geworteld en wordt gevoed door effectieve partnerschappen tussen de regering en de civil society.
|
|
||||||||||||
![]() UNESCO@vlaanderen vzw, Edg. Farasijnstr. 32, B-8670 Koksijde, tel/fax:+32(0)58/514479 |
||||||||||||||
|
Over de website:
![]() |
||||||||||||||