Het wegwerken van ongelijkheden is een belangrijke voorwaarde voor het kunnen realiseren van de  Duurzame Ontwikkelingsdoelen.

Een nieuw rapport van Unesco waarschuwt dat ongelijkheid een gevaar vormt voor de duurzaamheid van economieën, samenlevingen en gemeenschappen. Het hypothekeert tevens de inspanningen om de Duurzame Ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties te realiseren tegen 2030.

Lacunes in het onderzoek

Het rapport, The World Social Science Report 2016: Challenging Inequalities – Pathways to a Just World, wijst op belangrijke lacunes in de sociale wetenschappen met betrekking tot ongelijkheid. Het roept op om meer doorgedreven onderzoek te voeren naar de verbanden tussen economische ongelijkheid en verschillen op het gebied van gender, onderwijs en gezondheid.

“De kwestie van toenemende ongelijkheid en wat er gedaan kan worden, is een nadrukkelijke bekommernis van overheden, bedrijven, maatschappelijke leiders en burgers over de hele wereld. Het verminderen van ongelijkheid is in de eerste plaats een kwestie van eerlijkheid en sociale rechtvaardigheid. Het is ook de sleutel tot het uitbannen van extreme armoede, het bevorderen van duurzame ontwikkeling, het vergroten van burgerlijke ontwikkeling, het terugdringen van conflicten en geweld en de ontwikkeling van inclusief bestuur,” aldus het rapport.

Het onderzoek naar ongelijkheid en sociale rechtvaardigheid mag dan wel vervijfvoudigd zijn in de periode van 1992 tot 2013, de meeste studies besteden te weinig aandacht aan ongelijkheid die verder gaat dan inkomen en vermogen, zoals gezondheidszorg, onderwijs en geslacht.

Zeven overlappende aspecten van ongelijkheid

Het rapport definieert zeven overlappende aspecten van ongelijkheid: economisch, politiek, cultureel, ecologisch, ruimtelijk (verschillen tussen centrale en afgelegen gebieden, de stad en het platteland, en streken met meer of minder diverse natuurlijke rijkdommen) en op kennis gebaseerd (verschillen in toegang en bijdrage tot verschillende bronnen en types van kennis en de gevolgen van deze verschillen). Samen vormen ze vicieuze cirkels van ongelijkheden die van generatie op generatie worden overgedragen.

Het rapport pleit ook voor meer samenwerking tussen disciplines en onderzoeksvelden en over de geografische grenzen heen. Zo kunnen overheden geholpen worden om een meer doeltreffend beleid te ontwikkelen en te voeren voor meer inclusieve samenlevingen.

Het sociaal wetenschappelijk onderzoek zelf vertoont een grote geografische ongelijkheid. Noord-Amerika en Europa, waar veel data beschikbaar zijn, namen 80% van de sociaal wetenschappelijke publicaties voor hun rekening tussen 1992 en 2013. Afrika ten zuiden van de Sahara en Latijns-Amerika hadden respectievelijk een aandeel van 3% en 2%, zo blijkt uit het rapport.

Website van The World Social Science Report 2016
Een fysiek exemplaar van het rapport kan je bestellen bij Unesco Publishing