Unesco stelt nieuwe technische richtlijnen voor om leeftijdsgebonden curricula voor seksuele voorlichting uit te werken voor kinderen en jongeren vanaf 5 jaar.

Bijna 10 jaar na de eerste editie, presenteert Unesco een nieuwe reeks technische richtlijnen voor seksuele opvoeding. De richtlijnen pleiten voor een veelomvattende seksuele opvoeding met gezondheid en welzijn, en respect voor mensenrechten en gendergelijkheid, als uitgangspunten. Seksuele voorlichting moet jongeren in staat stellen om een gezond, veilig en productief leven te leiden.

De technische richtlijnen zijn bedoeld als hulpmiddel voor onderwijsbeleidsmakers om nauwkeurige en leeftijdsgebonden curricula te ontwerpen voor kinderen en jongeren vanaf 5 jaar.

De richtlijnen zijn gebaseerd op de meest recente wetenschappelijke gegevens en op een analyse van de huidige status van de seksuele opvoeding wereldwijd. Bovendien steunen ze op voorbeeldpraktijken uit verschillende regio's.

Zo blijkt onder meer dat seksuele opvoeding:

  • jongeren helpt om verantwoordelijker te worden in hun houding en gedrag ten aanzien van seksuele en reproductieve gezondheid.
  • essentieel is om de schooluitval van meisjes te bestrijden als gevolg van vroege of gedwongen huwelijken, tienerzwangerschappen en seksuele en reproductieve gezondheidsproblemen.
  • noodzakelijk is omdat in sommige delen van de wereld, twee op drie meisjes aangaven dat ze geen idee hadden wat er gebeurde toen ze voor het eerst menstrueerden en omdat complicaties bij de zwangerschap en de bevalling de tweede doodsoorzaak zijn bij 15- tot 19-jarigen.
  • de seksuele activiteit niet verhoogt, evenmin als seksueel risicogedrag of de soa- en hiv-infectiegraad. Bovendien blijkt dat programma's die alleen seksuele onthouding promoten, er niet in slagen om vroegtijdige seksuele initiatie te voorkomen, evenmin als de frequentie van seks en het aantal seksuele partners van jongeren te verminderen.

De publicatie stelt dat uitgebreide en kwalitatief hoogwaardige seksuele opvoeding nodig is om:

  • voorlichting en begeleiding te bieden aan jongeren rond de overgang van kindertijd naar volwassenheid en de fysieke, sociale en emotionele uitdagingen waarmee dit gepaard gaat.
  • de uitdagingen aan te pakken van seksuele en reproductieve gezondheidsproblemen, die bijzonder groot zijn tijdens de puberteit, waaronder toegang tot anticonceptie, vroege zwangerschappen, gendergerelateerd geweld, seksueel overdraagbare aandoeningen (soa's) en hiv/aids.
  • het bewustzijn te vergroten over de preventie en de verspreiding hiv, waarover slechts 34% van de jongeren over de hele wereld voldoende af weet.
  • een aanvulling of een tegengewicht te vormen voor de veelheid aan informatie – van wisselende kwaliteit – die jongeren tegenkomen op het internet, en om hen te wapenen tegen steeds vaker voorkomende gevallen van cyberpesten.

De nieuwe richtlijnen zijn ontwikkeld in samenwerking met het Gezamenlijk VN-programma voor hiv/aids (UNAIDS), het VN-Bevolkingsfonds (UNFPA), het Kinderfonds van de Verenigde Naties (Unicef), de VN-Eenheid voor Gendergelijkheid en de Empowerment van Vrouwen (UN-Women) en de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO).