UNESCO Platform Vlaanderen, rubriek "Nieuws"http://www.unesco-vlaanderen.be2015-07-09T12:41:17Het UNESCO Platform Vlaanderen legt zich in de eerste plaats toe op het zo breed mogelijk verspreiden van informatie over de activiteiten en programma’s van UNESCO. Dat doet ze onder meer via het driemaandelijks tijdschrift UNESCO info, door het uitgeven van brochures rond specifieke UNESCO-prioriteiten en door het runnen van een informatie- en documentatiecentrum waar mensen kunnen aankloppen met vragen die verband houden met UNESCO.http://www.unesco-vlaanderen.be/media/html/unesco_platform_vlaanderen_logo.pngUNESCO Platform Vlaanderen, rubriek "Nieuws"http://www.unesco-vlaanderen.benlOpmars van industrieel erfgoed op Unesco Werelderfgoedlijsthttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/7/9/opmars-van-industrieel-erfgoed-op-unesco-werelderfgoedlijstThu, 09 Jul 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/7/9/opmars-van-industrieel-erfgoed-op-unesco-werelderfgoedlijstDe jaarlijkse bijeenkomst van het Werelderfgoedcomité erkende 24 nieuwe werelderfgoedsites. Opmerkelijk is dat er dit jaar verschillende voorbeelden van industrieel erfgoed zijn ingeschreven op de Werelderfgoedlijst.

Opmars van industrieel erfgoed op Unesco Werelderfgoedlijst

Het Werelderfgoedcomité van Unesco kwam van 28 juni tot 8 juli 2015 bijeen in het Duitse Bonn. Het Comité schreef 24 nieuwe sites in op de Werelderfgoedlijst, keurde de uitbreiding goed van drie werelderfgoedsites, voegde drie sites toe aan de Lijst van het Bedreigd Werelderfgoed en schrapte één site van diezelfde lijst.

Tijdens de zitting van het Werelderfgoedcomité lanceerde Irina Bokova, directeur-generaal van Unesco een globale coalitie onder de noemer Unite for Heritage. Daarmee wil de Organisatie zoveel mogelijk betrokkenen mobiliseren in de strijd tegen de opzettelijke beschadiging van erfgoed, in het bijzonder in het Midden-Oosten. Het Werelderfgoedcomité nam ook een Verklaring van Bonn aan. Die adviseert dat erfgoedbescherming deel zou uitmaken van het mandaat van vredesmissies in voorkomend geval en vraagt Unesco om internationaal nog meer het voortouw te nemen bij de coördinatie van acties ter bescherming van erfgoed bij conflicten en na natuurrampen.

Het Werelderfgoedcomité schreef drie sites in op de Lijst van het Bedreigd Werelderfgoed:

  • Hatra (Irak)
  • Oude stad van Sanaa (Jemen)
  • Oude ommuurde stad Shibam (Jemen)

 

Los Katíos in Colombia werd geschrapt van de Lijst van het Bedreigd Werelderfgoed waaraan het was toegevoegd in 2009.

Er is één gemengde site (zowel cultureel als natuurlijk werelderfgoed) ingeschreven op de Werelderfgoedlijst - de Blauwe en John Crow Bergen (Jamaica) - en 23 culturele bezienswaardigheden:

  • Tusi sites (China)
  • Christiansfeld, een kolonie van de Evangelische Kerk(Denemarken)
  • De Par Force Hunting Landschap in Noord-Seeland (Denemarken)
  • De Climats, terroirs van Bourgondië (Frankrijk)
  • Champagne Hellingen, Huizen en Kelders (Frankrijk)
  • Speicherstadt en Kontorhaus District met Chilehaus (Duitsland)
  • Susa (Iran)
  • Cultuurlandschap van Maymand (Iran)
  • Necropolis van Beth She'arim - een heiligdom van de Joodse vernieuwing (Israël)
  • Arabisch-Normandische Palermo en de kathedralen van Cefalù en Monreale (Italië)
  • Sites van de Japanse Meiji industriële revolutie: ijzer en staal, scheepsbouw en kolenwinning (Japan)
  • Doopsite "Bethany beyond the Jordan" (Al-Maghtas) (Jordanië)
  • Baekje historische gebieden (Zuid-Korea)
  • Hydraulisch systeem van de Aquaduct van Padre Tembleque (Mexico)
  • Grote Burkhan Khaldun berg en het omliggende heilige landschap (Mongolië)
  • Rjukan-Notodden industrieel erfgoed (Noorwegen)
  • Rotskunst in de Hail regio van Saoedi-Arabië
  • Botanische tuin van Singapore (Singapore)
  • Efeze (Turkije)
  • Cultuurlandschap van het fort van Diyarbakir en de tuinen van Hevsel (Turkije)
  • Fray Bentos cultureel-industrieel landschap (Uruguay)
  • Forth Bridge (Verenigd Koninkrijk)
  • San Antonio Missions (Verenigde Staten van Amerika)

 

Verder keurde het Werelderfgoedcomité de uitbreiding goed van drie inschrijvingen op de Werelderfgoedlijst:

  • Beschermde gebieden van Cape Floral (Zuid-Afrika)
  • Routes van Santiago de Compostela: Camino Francés en routes van Noord-Spanje [een uitbreiding van de Routes van Santiago de Compostela] (Spanje)
  • Phong Nha - Ke Bang Nationaal Park (Vietnam)

 

De Werelderfgoedlijst telt nu 1 031 inschrijvingen uit 163 landen.

De volgende zitting van het Werelderfgoedcomité gaat van 10 tot 20 juli 2016 door in Istanboel.


]]>
Unesco sluit partnerschap voor betere erfgoedbescherminghttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/7/7/unesco-sluit-partnerschap-voor-betere-erfgoedbeschermingTue, 07 Jul 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/7/7/unesco-sluit-partnerschap-voor-betere-erfgoedbeschermingUnesco heeft voortaan toegang tot de nieuwste satelliettechnologie om de toestand van erfgoed tijdens conflicten en na natuurrampen te evalueren.

Unesco sluit partnerschap voor betere erfgoedbescherming

Unesco en UNITAR (het VN-Instituut voor Opleiding en Onderzoek) hebben een overeenkomst gesloten om cultureel en natuurlijk erfgoed te beschermen met behulp van de meest recente geo-ruimtelijke technologieën. Het akkoord is ondertekend tijdens de jaarlijkse bijeenkomst van het Werelderfgoedcomité in Bonn. De samenwerking steunt op het Operational Sattelite Applications Programme (UNOSAT) van UNITAR.

De organisaties zullen samenwerken tijdens conflictsituaties en na natuurrampen door hun expertise te delen en gezamenlijke acties voor preventie en het vergroten van knowhow op te zetten. Satellietbeelden zijn vaak de enige bron van objectieve informatie over de toestand van gebieden die zijn getroffen door een conflict of een natuurramp. Ze helpen de internationale gemeenschap om de situatie in te schatten en om noodmaatregelen te plannen. Zo publiceerde UNITAR-UNOSAT recent een verslag over de toestand van het cultureel erfgoed in Syrië. Dat bevestigde eerdere informatie over vernielingen uit verschillende officieuze bronnen.

Het akkoord maakt het ook mogelijk om gebruik te maken van de crowd-sourcing toepassing UN-ASIGN die recent nog succesvol werd gebruikt na de zware aardbevingen in Nepal. Het is een toepassing om foto's met een geo-tag te maken en te delen. De toepassing vergt weinig bandbreedte en kan helpen om zeer snel een beeld te krijgen van de toestand op het terrein na een natuurramp. Verder kunnen er onbemande vliegtuigen (UAV's) ingezet worden om schade aan gebouwen en sites in kaart te brengen. Beide partners zullen samen zoeken naar nieuwe oplossingen die kunnen leiden tot een beter beheer en een betere bescherming van culturele erfgoedsites.

De overeenkomst geldt als een schoolvoorbeeld van het soort van partnerschappen dat Unesco wil aangaan in het kader van de globale coalitie Unite for Heritage waarmee de Organisatie alle betrokkenen wil mobiliseren om de strijd aan te binden tegen de opzettelijke vernietiging van erfgoed, in het bijzonder in het Midden-Oosten.


]]>
Basisschool Het Noordveld in de prijzenhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/7/2/basisschool-het-noordveld-in-de-prijzenThu, 02 Jul 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/7/2/basisschool-het-noordveld-in-de-prijzenLeerlingen trokken op daguitstap dankzij hun winnende foto's voor de wedstrijd rond erfgoed van de Vlaamse Unesco Commissie.

Basisschool Het Noordveld in de prijzen

In april lanceerde de Vlaamse Unesco Commissie een fotowedstrijd voor jongeren tussen 11 en 15 jaar rond het thema erfgoed. Daarbij lieten de deelnemers mobieltje en tablet links liggen en gingen ze aan de slag met een old school wegwerpcamera.

Als winnaar van de wedstrijd kwam de vrije basisschool voor buitengewoon onderwijs Het Noordveld uit de bus. De winnende klas trok op vrijdag 19 juni 2015 naar Brussel voor een gesmaakte daguitstap die hen onder meer naar het Natuurhistorisch museum, de Grote Markt en Manneken Pis bracht.

Voor ze de trein terug naar huis opstapten, ontdekten de leerlingen in een stationskluis uitvergrote canvassen van hun winnende foto's.


]]>
Unesco wil betere bescherming van erfgoed in conflictgebiedenhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/6/30/unesco-wil-betere-bescherming-van-erfgoed-in-conflictgebiedenTue, 30 Jun 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/6/30/unesco-wil-betere-bescherming-van-erfgoed-in-conflictgebiedenEen coalitie wil de strijd tegen illegale handel in cultuurgoederen stroomlijnen en regeringen en andere actoren mobiliseren voor erfgoedbescherming.

Unesco wil betere bescherming van erfgoed in conflictgebieden

Tijdens de 39ste zitting van het Werelderfgoedcomité van Unesco in Bonn heeft Irina Bokova, directeur-generaal van Unesco, op 29 juni 2015 een coalitie voorgesteld onder de noemer Unite for Heritage. De coalitie wil overheden en andere belanghebbenden mobiliseren in de strijd tegen de opzettelijke beschadiging van erfgoed, in het bijzonder in het Midden-Oosten.

Coördinatie en uitwisseling

"De dreiging is mondiaal en ons antwoord moet globaal zijn. Het vereist een betere coördinatie tussen nationale diensten en meer uitwisseling van informatie tussen de lidstaten," aldus Bokova. "Onze grootste uitdaging is om alle betrokkenen in deze strijd te laten samenwerken: politie, douanediensten, musea, regeringen, actoren uit de culturele, humanitaire en veiligheidssector, maatschappelijke organisaties en de media. We moeten nieuwe allianties creëren om de uitdagingen van het gewelddadig extremisme aan te pakken."

De coalitie is voorgesteld in aanwezigheid van de Iraakse minister van Toerisme en Erfgoed en van toplui van onder meer Interpol en de Internationale Raad van Monumenten en Sites (ICOMOS).

Veroordeling

Eerder op de dag nam het Werelderfgoedcomité een Verklaring aan die de "barbaarse aanvallen, het geweld en de misdaden" van de terreurbeweging IS tegen het cultureel erfgoed van Irak veroordeelde. Deze daden doen volgens de Verklaring denken aan andere hersenloze verwoestingen in Bamiyan, Timboektoe en elders.

Het Werelderfgoedcomité drukte eveneens grote bezorgdheid uit over de situatie van andere sites zoals Palmyra (Syrië) en de historische stad Sana'a (Jemen). De Verklaring roept op om in de toekomst de bescherming van erfgoed op te nemen in het mandaat van vredesmissies.

Publieke opinie

Tijdens een bezoek aan Bagdad in maart dit jaar lanceerde Bokova de sociale mediacampagne #Unite4Heritage waarmee Unesco de publieke opinie wil mobiliseren voor de bescherming van erfgoed. Unesco bracht ook alle toplui van de organisaties die betrokken zijn bij de strijd tegen de illegale handel in cultuurgoederen, bijeen om de uitvoering van VN-veiligheidsraadresolutie 2199 te bespoedigen. Die resolutie verbiedt de handel in cultuurgoederen van Syrië en Irak.

Unesco streeft ook naar meer samenwerking en een betere afstemming tussen haar zes cultuurconventies. Het gaat om de Conventie voor de bescherming van culturele eigendom in geval van een gewapend conflict (1954), de Conventie inzake de onrechtmatige invoer, uitvoer, of eigendomsoverdracht van cultuurgoederen (1970), de Conventie voor de bescherming van het cultureel en natuurlijk werelderfgoed (1972), de Conventie voor de bescherming van cultureel onderwatererfgoed (2001), de Conventie voor de borging van immaterieel cultureel erfgoed (2003) en de Conventie voor de bescherming en de promotie van de diversiteit van cultuuruitingen (2005).


]]>
Wat kan er gedaan worden aan online haatzaaierij?http://www.unesco-vlaanderen.be/2015/6/25/wat-kan-er-gedaan-worden-aan-online-haatzaaierijThu, 25 Jun 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/6/25/wat-kan-er-gedaan-worden-aan-online-haatzaaierijUnesco stelt een studie voor die onderzoekt hoe het online haatzaaien kan worden bestreden zonder de vrijheid van meningsuiting te schenden.

Wat kan er gedaan worden aan online haatzaaierij?Unesco stelt een studie voor over hate speech online. Onder hate speech verstaan we berichten die haat of minachting uitdragen of die de bedoeling hebben om iemand of een groep mensen te intimideren of schade toe te brengen op basis van ras, religie, etnische afkomst, seksuele geaardheid of handicap.

De studie is ontwikkeld in samenwerking met het programma Comparative Media Law and Policy (PCMLP) aan de Universiteit van Oxford. Ze geeft een globaal overzicht van de dynamiek die online hate speech karakteriseert. Er is aandacht voor praktijkvoorbeelden van maatregelen die zijn genomen om hate speech tegen te gaan en in te perken, zowel op lokaal als mondiaal niveau. De studie studie biedt een uitgebreide analyse van de internationale, regionale en nationale normatieve kaders die zijn ontwikkeld om online haatzaaien aan te pakken. Daarbij wordt ook ingegaan op de gevolgen daarvan voor de vrijheid van meningsuiting. Daarnaast legt de studie de nadruk op sociale en niet-regulerende mechanismen die kunnen helpen om de productie, de verspreiding en de impact van online hate speech tegen te gaan.

Er bestaat een spanningsveld tussen de internationale standaarden die gericht zijn op het garanderen van de vrijheid van meningsuiting en tussen de plicht van overheden en samenlevingen om haatdragende taal te counteren of in te perken. De studie belicht vier elementen die dit spanningsveld kenmerken. Ten eerste analyseert ze de definitie van hate speech, ten tweede de nationale jurisdictie en de rol van internationaal opererende bedrijven, ten derde de karakteristieken van online hate speech en het verschil met offline meningsuiting en daden; en ten slotte identificeert ze methoden die zijn gebruikt om verschillende specifieke en contextuele problemen aan te pakken.

De studie richt zich op vier soorten van initiatieven die zijn gestart om het ontstaan en/of de verspreiding van haatdragende berichten tegen te gaan. Het gaat om onderzoek naar hoe hate speech ontstaat en zich verspreidt, de ontwikkeling van waarschuwingssystemen en methoden om een onderscheid te maken tussen de verschillende typologieën van meningsuiting; om gecoördineerde acties van burgers om nationale en internationale coalities te sluiten om in te gaan tegen de opkomende dreiging van het verband tussen online hate speech en geweld in de samenleving; om initiatieven die sociale netwerksites en internetproviders oproepen om daadkrachtiger op te treden tegen online hate speech; en om campagnes om de mediageletterdheid te vergroten en om mensen te helpen om online hate speech te interpreteren en ermee om te gaan.


Download Countering Online Hate Speech

]]>
Boeken onder vuurhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/6/22/boeken-onder-vuurMon, 22 Jun 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/6/22/boeken-onder-vuurZomertentoonstelling over de vernietiging van documentair erfgoed slaat de brug tussen verleden en heden, tussen Leuven en Timboektoe.

Boeken onder vuur

In de nacht van 25 op 26 augustus 1914 staken Duitse troepen een groot deel van de stad Leuven in brand. Ook de universiteitsbibliotheek lag volledig in puin. De herdenking van deze ramp vormt de aanleiding voor Boeken onder vuur, een beklijvende zomertentoonstelling over vernietigd en bedreigd erfgoed.

De brand van de universiteitsbibliotheek werd beschouwd als een culturele gruweldaad en lokte wereldwijd een golf van protest uit. Maar ook een eeuw later bevindt erfgoed zich nog steeds, letterlijk, in de vuurlinie.

Van Leuven tot Timboektoe

Boeken onder vuur verbindt de geschiedenis van de brand uit 1914 met het conflict dat in 2012 in Mali woedde. Toen werden zowel monumenten als waardevolle archieven beschadigd of vernield. Dankzij een grootschalige reddingsactie konden echter ook meer dan honderdduizend Malinese manuscripten naar een veiliger plek worden gesmokkeld.

Stukken uit en over de Leuvense collectie, inclusief 'sneeuwwitjes' (zeldzame verkoolde boeken die na de brand werden gevonden), en unieke handschriften uit Timboektoe vertellen een beklijvend verhaal over vernieling, verontwaardiging en solidariteit. Toepasselijke kunstwerken van Sofie Muller maken diezelfde thema's zichtbaar.


Boeken onder vuur is te bezoeken van 4 juli tot 13 september 2015 tussen 10u en 17u op de tweede verdieping van de Universiteitsbibliotheek van de KU Leuven, Ladeuzeplein 21, 3000 Leuven

]]>
18 Vlaamse WOI-sites kandidaat voor erkenning als werelderfgoedhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/6/12/18-vlaamse-woi-sites-kandidaat-voor-erkenning-als-werelderfgoedFri, 12 Jun 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/6/12/18-vlaamse-woi-sites-kandidaat-voor-erkenning-als-werelderfgoedEen breed samenwerkingsverband van partners ondertekenden een convenant om de werelderfgoednominatie van 18 Vlaamse WOI-sites voor te bereiden.

18 Vlaamse WOI-sites kandidaat voor erkenning als werelderfgoed29 partners ondertekenden het convenant Het erfgoed van de Eerste Wereldoorlog als Unesco werelderfgoed in het bezoekerscentrum Westfront aan de Nieuwpoortse Ganzepoot op 11 juni 2015. Hiermee engageren alle betrokken actoren zich om samen de erkenning van 18 WO I-sites in de Westhoek als werelderfgoed voor te bereiden.

Internationale werelderfgoednominatie

In 2014 selecteerde Geert Bourgeois als minister van Onroerend Erfgoed de WO I-sites die Vlaanderen wil laten erkennen als werelderfgoed. Het gaat over 18 sites, hoofdzakelijk militaire begraafplaatsen en monumenten voor de vermisten. Deze sites zijn allemaal al beschermd als monument. Ze vormen de Vlaamse bijdrage aan een groter Frans-Belgisch dossier om het WOI-erfgoed van het voormalige Westelijke front als werelderfgoed te nomineren.

Wallonië selecteerde op zijn beurt 7 sites en Frankrijk 70, van aan de kust tot aan de Duits-Zwitserse grens. De bedoeling is om het internationale dossier begin 2017 in te dienen bij Unesco. In de zomer van 2018 zou het Werelderfgoedcomité van Unesco dan beslissen om het erfgoed van de Eerste Wereldoorlog al dan niet in te schrijven op de Werelderfgoedlijst.

Motivering

Het dossier schuift 3 argumenten naar voren om het Wereldergoedcomité te overtuigen: de nieuwe traditie van dodencultus waarbij iedereen ongeacht nationaliteit, klasse en geloof, herdacht wordt, een nieuwe typologie van architecturale constructies en de blijvende herinnering die oproept tot vrede en verzoening.

Consultatieronde

Sinds de bekendmaking van de Vlaamse selectie organiseerde het agentschap Onroerend Erfgoed een uitgebreide informatie- en consultatieronde met verschillende partners. Overheden en administraties van alle bestuursniveaus, beheerders en eigenaars van de geselecteerde sites, en organisaties uit het maatschappelijke middenveld werden uitgenodigd om een dialoog aan te gaan over het Werelderfgoeddossier. De betrokkenheid van alle partners is immers cruciaal voor het succes van dit WO I-Werelderfgoeddossier.

De ondertekenaars van het convenant zijn de betrokken overheden op alle bestuursniveaus, de beheerders van miliatire begraafplaatsen en andere herdenkingssites, en landbouw- en bedrijfsorganisaties.

Geplande samenwerking

Het convenant wil de best mogelijke omstandigheden creëren om het nominatiedossier uit te werken. De partners zullen samen de kern- en bufferzones voor de geselecteerde sites bepalen. De kernzones zijn de sites zelf, de bufferzones moeten het landschap rond de sites vrijwaren zodat de geïdentificeerde uitzonderlijke universele waarden van de kernzones beschermd en bewaard worden.

Het convenant voorziet ook een beheersplan met enerzijds een focus op het behoud en beheer van het erfgoed, en anderzijds op de duurzame ontwikkeling van de omgeving. Alle actoren zullen het dossier zowel tijdens het nominatieproces als bij een erkenning opvolgen, evalueren en eventueel bijsturen.


Volgende sites in Vlaanderen maken deel uit van het WO I-werelderfgoeddossier:

Nieuwpoort
Monument voor de vermisten Nieuport Memorial

Diksmuide
Duitse militaire begraafplaats Vladslo
Crypte van de IJzertoren

Alveringem
Belgische militaire begraafplaats Oeren

Houthulst
Belgische militaire begraafplaats Houthulst

Langemark-Poelkapelle
Duitse militaire begraafplaats Langemark
Canadees monument The Brooding Soldier

Zonnebeke
Gemenebest militaire begraafplaats Tyne Cot cemetery
Cluster van Gemenebest militaire begraafplaats Doelbos

Ieper
Gemenebest militaire begraafplaats Essex Farm cemetery
Cluster van Gemenebest militaire begraafplaatsen Pilkem
Monument voor de vermisten Menin Gate
Gemenebest militaire begraafplaats Bedford House cemetery
Cluster van Gemenebest militaire begraafplaatsen Palingbeek

Heuvelland
Franse Cluster van militaire begraafplaatsen Kemmelberg
Cluster van Gemenebest militaire begraafplaatsen Spanbroekmolen

Mesen
Iers monument Island of Ireland Peace Tower

Poperinge
Gemenebest militaire begraafplaats Lijssenthoek mil. cemetery

]]>
Unesco meet de schade op in Nepalhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/6/2/unesco-meet-de-schade-op-in-nepalTue, 02 Jun 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/6/2/unesco-meet-de-schade-op-in-nepalUnesco neemt de leiding over de evaluatie van de schade aan het erfgoed van Nepal. De Organisatie krijgt daarvoor steun van de Vlaamse regering.

De Vlaamse regering stelt 25 000 dollar ter beschikking van Unesco om vast te stellen hoe het cultureel erfgoed van Nepal er aan toe is na de recente aardbevingen. De middelen komen uit het Vlaamse Unesco Trustfonds.

Unesco meet de schade op in Nepal

Nepal werd recent getroffen door enkele aardbevingen die kort na elkaar optraden. Dit veroorzaakte heel wat menselijk leek en had eveneens een verwoestende impact op het cultureel erfgoed van het land. Uit de eerste berichten bleek dat drie culturele werelderfgoedsites, met name de Durbar-pleinen van Hanuman Dhoka (Kathmandu), Patan en Bhaktapur zo goed als volledig vernield zijn. Ook het natuurlijk werelderfgoed van Nepal is aangetast door de aardbeving. Vooral het Sagarmatha Nationaal Park met Mount Everest is zwaar getroffen. Andere sites zoals de werelderfgoedsite Lumbini, de geboorteplaats van Boeddha, en het Chitwan Nationaal Park kregen het minder zwaar te verduren maar liepen desalniettemin schade op.

Inmiddels startte de regering van Nepal een zogenaamde Post Disaster Needs Assessment (PDNA) op. Deze brengt de concrete noden op vlak van energie, infrastructuur, logistiek, gezondheid, voedselvoorziening, onderwijs en cultuur in kaart zodat een herstelstrategie op korte en lange termijn uitgestippeld kan worden. Unesco neemt de leiding over het gedeelte dat de schade aan het cultureel erfgoed evalueert. Met de steun vanuit het Vlaamse Unesco Trustfonds stuurt de Organisatie een team experten ter plaatse. Unesco heeft ruime ervaring met het bieden van hulp wanneer erfgoed beschadigd is of zelfs verloren gaat door (natuur)rampen of gewapende conflicten.

De Vlaamse overheid doet tweejaarlijks een bijdrage aan het Vlaamse Unesco Trustfonds. Het fonds ondersteunt hoofdzakelijk Unesco-projecten met een focus op zuidelijk Afrika en op erfgoed. Op 3 april 2015 besliste de Vlaamse Regering om een nieuwe bijdrage van 900 000 euro te reserveren voor 2015-2016.

]]>
Fotowedstrijd rond erfgoedhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/4/20/fotowedstrijd-rond-erfgoedMon, 20 Apr 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/4/20/fotowedstrijd-rond-erfgoedDe Vlaamse Unesco Commissie vraagt jongeren tussen 11 en 15 jaar om te tonen wat zij als erfgoed beschouwen.

Fotowedstrijd rond erfgoed


]]>
Slechts een derde van de landen krijgt een goed onderwijsrapporthttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/4/9/slechts-een-derde-van-de-landen-krijgt-een-goed-onderwijsrapportThu, 09 Apr 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/4/9/slechts-een-derde-van-de-landen-krijgt-een-goed-onderwijsrapportUnesco maakt de balans op van de in 2000 afgesproken internationale onderwijsdoelen.

In 2000 engageerden de landen van de Verenigde Naties zich om tegen 2015 het basisonderwijs in de wereld een flinke boost te geven. Op dit moment heeft echter nog maar een derde van de landen alle zes de indertijd afgesproken doelstellingen gerealiseerd, zo blijkt uit het jaarlijks rapport over onderwijs van Unesco dat op 8 april 2015 is voorgesteld.

Slechts een derde van de landen krijgt een goed onderwijsrapport

"Er is wereldwijd enorme vooruitgang geboekt," zegt Irina Bokova, directeur-generaal van Unesco. "Ook al is de deadline niet gehaald, er gaan nu miljoenen kinderen meer naar school dan het geval zou zijn geweest mocht de evolutie van de jaren 1990 zich hebben doorgezet. Er is echter nog veel werk aan de winkel: we moeten strategieën ontwikkelden om de armste mensen - en vooral meisjes - beter te bereiken, om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren en om de alfabetiseringskloof te dichten zodat onderwijs echt universeel wordt."

In 2000 kwamen 146 landen op het Wereldonderwijsforum in Dakar overeen om het streefdoel Onderwijs voor Allen (EFA, Education for All) waar te maken tegen 2015. Ze stelden daarvoor zes doelstellingen op. Vijftien jaar later maakt Unesco in een rapport de volgende balans op.

Doel 1: De zorg voor zeer jonge kinderen en het kleuteronderwijs uitbreiden

47% van de landen realiseerde dit doel en 8% haalde het net niet. 20% van de landen bleef er ver van verwijderd. Maar: in 2012 waren bijna twee derden meer kinderen ingeschreven in het kleuteronderwijs dan in 1999.

Doel 2: Het bereiken van universeel basisonderwijs

52% van de landen realiseerde dit doel en 10% kwam aardig in de buurt. Dit betekent dat er dit jaar 100 miljoen kinderen zullen zijn die het basisonderwijs niet afmaken. Er ging te weinig aandacht naar achtergestelde groepen: arme kinderen maken vijf keer minder kans om een volledige cyclus van het basisonderwijs te doorlopen dan hun welgestelde leeftijdsgenoten. Een andere vaststelling: een derde van de kinderen die geen school lopen, woont in een gebied waar een conflict woedt.

Toch is er ook hier vooruitgang geboekt. Er zijn nu zo'n 50 miljoen meer kinderen ingeschreven in het basisonderwijs dan in 1999. In veel landen is basisonderwijs nog steeds niet gratis maar programma's voor financiering en voor het aanbieden van gratis schoolmaaltijden bleken toch een positieve impact te hebben op het aantal arme kinderen dat zich inschreef op school.

Doel 3: De leer- en studiemogelijkheden van (jong)volwassenen uitbreiden

46% van de landen slaagde erin om een iedereen de eerste cyclus van het secundair onderwijs te laten aanvatten. Wereldwijd was er een toename met 27% en in Afrika ten zuiden van de Sahara verdubbelde het aantal inschrijvingen in het lager secundair onderwijs zelfs. Toch zal een derde van de jongeren in lage-inkomenslanden dit jaar de eerste cyclus van het secundair onderwijs niet afmaken.

Doel 4: De alfabetiseringsgraad bij volwassenen met de helft doen dalen

Amper een kwart van de landen slaagde in dit voornemen en 32% bleef er ver van verwijderd. Globaal genomen daalde het aantal ongeletterde volwassenen van 18% in 2000 tot 14% in 2015 maar die vooruitgang is bijna volledig toe te schrijven aan het feit dat meer geschoolde kinderen de volwassenheid bereikten. Vrouwen maken nog steeds twee derden uit van de ongeletterde volwassenen. De helft van de vrouwen in Afrika ten zuiden van de Sahara beschikt niet over de basiscompetenties.

Doel 5: De verschillen op basis van geslacht wegwerken en gelijke onderwijskansen bieden aan beide geslachten

In 69% van de landen gaan er procentueel evenveel meisjes als jongens naar de basisschool. Dat cijfer daalt naar 47% als we het secundair onderwijs in beschouwing nemen. Het doen trouwen van kinderen en zwangerschappen op jonge leeftijd blijven belangrijke obstakels die verhinderen dat meisjes school lopen. Ook veel leerplannen houden te weinig rekening met meisjes.

Doel 6: De kwaliteit van het onderwijs verbeteren

Het aantal leerlingen per leerkracht in het basisonderwijs daalde in 121 van de 146 landen tussen 1990 en 2012. Om alle kinderen onderwijs te kunnen bieden zijn er wereldwijd vier miljoen leerkrachten extra nodig. In een derde van de landen is er een tekort aan geschoolde leerkrachten. In verschillende Afrikaanse landen ten zuiden van de Sahara is minder dan de helft van de onderwijzers voor de baan opgeleid. Desalniettemin gaat er meer aandacht naar de kwaliteit van het onderwijs: het aantal landen dat nationaal onderzoek doet naar de leerresultaten is verdubbeld.

Wat moet er gebeuren om de volledige Onderwijs voor Allen agenda alsnog te realiseren in de toekomst? Het Unesco-rapport raadt het volgende aan:

Alle landen moeten minstens één jaar kleuteronderwijs verplicht maken.

  • Onderwijs moet voor alle kinderen gratis zijn: voor inschrijving, schoolboeken, schooluniformen en vervoer van en naar school mag niets worden aangerekend.
  • Beleidsmakers moeten vooropstellen over welke vaardigheden elk kind na elke etappe in het onderwijs moet beschikken.
  • Strategieën voor alfabetisering moeten worden afgestemd op de specifieke behoeften van de gemeenschap.
  • Lerarenopleidingen moeten meer aandacht hebben voor gendergerelateerde thema's.
  • Leervormen moeten meer rekening houden met de behoeften van de leerlingen en de verschillende contexten van klassen.

Om de doelstellingen tegen 2030 te halen moet er 22 miljard dollar extra geïnvesteerd worden.


]]>
Gevangengezet Syrisch mensenrechtenactivist krijgt persvrijheidsprijshttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/4/7/gevangengezet-syrisch-mensenrechtenactivist-krijgt-persvrijheidsprijsTue, 07 Apr 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/4/7/gevangengezet-syrisch-mensenrechtenactivist-krijgt-persvrijheidsprijsJournalist en mensenrechtenactivist Mazen Darwish is de laureaat van de Unesco/Guillermo Cano World Press Freedom Prize 2015.

Gevangengezet Syrisch mensenrechtenactivist krijgt persvrijheidsprijsUnesco maakte bekend dat de Guillermo Cano World Press Freedom Prize dit jaar naar de Syrische journalist en mensenrechtenactivist Mazen Darwish gaat. De laureaat zit momenteel opgesloten in in Syrië. Eerder kreeg hij al een reisverbod, pesterijen, opsluitingen en folteringen te verduren. En zo gaat het al meer dan tien jaar voor de man.

Mazen Darwish is advocaat en mensenrechtenactivist. Hij is de voorzitter van het Syrische Centrum voor Media en Vrijheid van Meningsuiting dat in 2004 is opgericht en een van de stichters van de krant Voice en van syriaview.net, een onafhankelijke nieuwssite die verboden werd door de Syrische overheid. In 2011 richtte Darwish Media Club op, het eerste Syrische magazine over media-aangelegenheden.

Mazen Darwish wordt sinds 2012 vastgehouden nadat hij samen met zijn collega's Hani Al-Zitani en Hussein Ghareer werd opgepakt. Verschillende media- en mensenrechtenorganisaties vroegen reeds de vrijlating van Darwish en zijn collega's.

De Algemene Vergadering van de Verenigde Naties nam op 15 mei 2013 een resolutie aan die eiste dat "de Syrische autoriteiten onmiddellijk alle willekeurig vastgehouden personen vrijlaat, met inbegrip van de leden van het Syrische Centrum voor Media en Vrijheid van Meningsuiting." De VN Werkgroep inzake Willekeurige Detentie (WGAD) richtte zich in januari 2014 tot de Syrische overheid met de boodschap dat ze de gevangenzetting van Darwish en zijn collega's veroordelen en zijn onmiddellijke vrijlating vragen.

De Unesco/Guillermo Cano World Press Freedom Prize bestaat sinds 1997 en wordt jaarlijks uitgereikt naar aanleiding van de Werelddag voor de Persvrijheid op 3 mei. De Prijs eert het werk van een individu of een organisatie ter verdediging en bevordering van de vrijheid van meningsuiting, vooral als deze actie het leven van het individu in gevaar brengt.


]]>
Unesco lanceert sociale mediacampagne voor erfgoedbescherminghttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/3/31/unesco-lanceert-sociale-mediacampagne-voor-erfgoedbeschermingTue, 31 Mar 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/3/31/unesco-lanceert-sociale-mediacampagne-voor-erfgoedbeschermingAls reactie op de recente beeldenstormen in Irak lanceert Unesco een internationale bewustmakingscampagne voor erfgoedbehoud.

Unesco lanceert sociale mediacampagne voor erfgoedbeschermingUnesco heeft op zaterdag 28 maart 2015 een internationale campagne rond de bescherming van erfgoed gelanceerd. De locatie voor de lancering was symbolisch: de Universiteit van Bagdad in Irak.

"Als gewelddadige extremisten zeggen dat de mensheid geen grote gemeenschap vormt die waarden deelt, als ze zeggen dat 'werelderfgoed' niet bestaat, als ze zeggen dat pre-islamitisch erfgoed afgoderij is, als ze zeggen dat diversiteit gevaarlijk is en dat tolerantie en dialoog onaanvaardbaar zijn, dan moeten we reageren," zei Irina Bokova, directeur-generaal van Unesco, bij de lancering van de campagne. "We moeten reageren door te laten zien dat uitwisseling en dialoog tussen culturen de drijvende krachten van de geschiedenis zijn. We moeten laten zien dat diversiteit altijd een sterkte was - en zal blijven - voor alle samenlevingen."

De #Unite4Heritage campagne is bedacht als reactie op de vernieling en de plundering van erfgoed in conflictgebieden, zoals recent herhaaldelijk gebeurde in Irak. Eerder lieten studenten van de Universiteit van Bagdad al hun afschuw blijken na de verspreiding van beelden van de vernieling van erfgoed in hun land. Ze riepen iedereen op om zich tegen dergelijke wandaden te verzetten.

G Unesco lanceert sociale mediacampagne voor erfgoedbescherming

"Vandaag sturen we een niet mis te verstane boodschap de wereld in. We accepteren geen culturele schoonmaak en we zullen er samen alles aan doen om het te stoppen," verklaarde Bokova. "We lanceren deze campagne hier in Bagdad en zullen ze verspreiden over de regio en de hele wereld, gesterkt door de overtuiging en de waarden die we delen."

De campagne roept mensen uit de regio en over de hele wereld op om een foto te nemen van hun favoriete stuk erfgoed of kunstvoorwerp en deze vervolgens te publiceren op sociale media zoals Twitter, Facebook en Instagram met de hashtag #Unite4Heritage. Je kan je steun voor erfgoedbehoud ook tonen met een selfie waarop je een bordje met #Unite4Heritage toont. Alle beelden zullen worden verzameld op de campagnesite.




]]>
Geweld op school hypothekeert leerkansen van miljoenen meisjeshttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/3/18/geweld-op-school-hypothekeert-leerkansen-van-miljoenen-meisjesWed, 18 Mar 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/3/18/geweld-op-school-hypothekeert-leerkansen-van-miljoenen-meisjesPolicy paper vraagt meer aandacht voor geweld op basis van geslacht op school, in het bijzonder in het kader van de nieuwe ontwikkelingsdoelen.

Geweld op school hypothekeert leerkansen van miljoenen meisjesGeweld op basis van geslacht in scholen heeft een vernietigende impact op de onderwijskansen van miljoenen meisjes over de hele wereld volgens een policy paper van het Education for All Global Monitoring Report, Unesco en het United Nations Girls Education Initiative (UNGEI).

Strategie vereist

"Sinds de grote vrouwenrechtenconferentie in Peking, twintig jaar geleden, is er meer aandacht en actie voor het uitbannen van geweld op basis van geslacht. Maar geweld tegen meisjes op school bleef grotendeels onzichtbaar," zegt Nora Fyles, hoofd van het UNGEI Secretariaat. "Het uitbannen van geweld op basis van geslacht op school mag niet aan het toeval worden overgelaten. Nationale overheden moeten samenwerken met het middenveld en andere partners om kinderen te beschermen en daders te straffen, anders is inclusief, kwaliteitsvol onderwijs voor iedereen onmogelijk."

Onder geweld op basis van geslacht op school verstaan we beledigingen en seksuele aanranding, seksueel misbruik, lijfstraffen en pesten die kunnen leiden tot absenteïsme, slechte leerresultaten, schoolverlaten, laag zelfbeeld, depressie, zwangerschap en seksueel overdraagbare besmettingen zoals hiv. Dit alles is nefast voor het leren en het welzijn van kinderen en jongeren.

Tekort aan onderzoek

De schaal en de impact van het probleem is moeilijk in te schatten, daarvoor zijn er te weinig data en vergelijkende studies. Het ontbreekt ook aan een eenduidige benadering om het probleem in kaart te brengen.

"Het staat buiten kijf dat geweld op basis van geslacht een gevaarlijke leeromgeving creëert voor kinderen overal ter wereld, in het bijzonder voor tienermeisjes," zegt Irina Bokova, directeur-generaal van Unesco. "Scholen moeten veilige plekken zijn voor jonge mensen. Dit is des te meer van belang in arme en door conflicten getroffen landen. Het is van essentieel belang dat de internationale gemeenschap samenwerkt om een meer inzicht te krijgen in de omvang en de impact van het probleem. Vervolgens moet er een beleid worden ontwikkeld om het fenomeen de wereld uit te helpen. Dit moet aan bod komen in de nieuwe ontwikkelingsdoelen voor na 2015."

Wereldwijd probleem

Cijfers tonen dat 10% van de adolescente meisjes in lage en midden inkomens landen te maken kregen met gedwongen seksueel verkeer of andere seksuele handelingen in het voorbije jaar. Uit een nationale studie in Zuid-Afrika blijkt dat bijna 8% van alle middelbare schoolmeisjes reeds het slachtoffer werd van ernstige seksuele aanranding of verkrachting op school.

Geweld op basis van geslacht is allesbehalve een probleem van arme landen alleen. Het is een wereldwijd fenomeen. Een onderzoek in Nederland toonde aan dat 27% van de studenten seksueel was lastiggevallen door schoolpersoneel.

Vooral meisjes worden het slachtoffer van geweld op basis van geslacht maar ook jongens zijn er niet immuun voor.

Pestgedrag is een van de meest gedocumenteerde vormen van geweld op school. Naar schatting 246 miljoen jongens en meisjes worden jaarlijks het slachtoffer van scheldpartijen.

Chronische armoede, conflicten en crisissituaties, onstabiele leefomstandigheden en discriminatie op basis van seksuele voorkeur, handicap of etniciteit zijn allemaal factoren die het risico op geweld op basis van slacht verhogen.

Vier voorstellen

De organisaties die de policy paper opstelden doen vier concrete voorstellen om het probleem het hoofd te bieden:

  • Het opnemen van preventie, bescherming en verantwoordingsmechanismen met betrekking tot geweld op basis van geslacht op school in nationale beleids- en actieplannen van de overheid.
  • Het opvoeren van het onderzoek en de monitoring van geweld op basis van geslacht op school zodat meer bekend wordt over de impact op de leerkansen van jongeren en over de factoren die het risico op dergelijk geweld vergroten - en dit binnen verschillende landen en contexten.
  • Meer samenwerking organiseren tussen leerkrachten, gezondheidswerkers, politie, lokale gemeenschappen, religieuze leiders en het middenveld - op lokaal en nationaal niveau - om programma's in te voeren die geweld op basis van geslacht op school bestrijden.
  • Geweld op basis van geslacht op school erkennen als een essentieel onderdeel van het bereiken van gendergelijkheid in het onderwijs in het kader van de post-2015 doelstellingen voor duurzame ontwikkeling.




Download de policy paper School-related gender-based violence is preventing the achievement of quality education for all

]]>
10 jaar Unesco in Oostende, dé hub voor meer dan 1 000 oceaanexperten wereldwijdhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/3/12/10-jaar-unesco-in-oostende,-dé-hub-voor-meer-dan-1-000-oceaanexperten-wereldwijdThu, 12 Mar 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/3/12/10-jaar-unesco-in-oostende,-dé-hub-voor-meer-dan-1-000-oceaanexperten-wereldwijdIn Brugge komen 168 experten uit 54 landen bijeen voor de viering van 10 jaar UNESCO/IOC Project Office for IODE

10 jaar Unesco in Oostende, dé hub voor meer dan 1 000 oceaanexperten wereldwijdHet UNESCO/IOC Project Office for IODE dat in Oostende is gevestigd, viert zijn tiende verjaardag op 16 maart 2015 met een plechtigheid en een wetenschappelijk congres in het Provinciaal Hof in Brugge. Het projectkantoor levert een belangrijke bijdrage aan de internationale oceanografie en aan de bevordering van het duurzaam gebruik en de ontwikkeling van kustgebieden. Het coördineert en ondersteunt het beheer en de uitwisseling van wetenschappelijke meetgegevens die helpen bij het aanpakken van internationale uitdagingen zoals de klimaatverandering, het verlies van mariene biodiversiteit en het voorspellen - en beperken van de impact - van natuurrampen zoals tsunami's.

IODE-programma

De viering in Brugge brengt een groot aantal topexperts op het vlak van de oceaanwetenschappen samen. Die zullen een overzicht geven van de belangrijkste activiteiten van het International Oceanographic Data and Information Exchange (IODE) programma van UNESCO. Aansluitend is er van 17 tot 20 maart een bijeenkomst van het comité dat het IODE-programma coördineert. Verwacht wordt dat er belangrijke beslissingen zullen worden genomen over de toekomst van het programma en waar het zich de komende jaren op zal toeleggen.

Het IODE-programma is sinds 1961 actief om de internationale uitwisseling van oceanografische data en informatie te bevorderen. Het stimuleert betrokken onderzoekers en instellingen om gebruik te maken van gemeenschappelijke standaarden die de uitwisseling van gegevens gemakkelijker maken en het zorgt ervoor dat lidstaten de nodige capaciteiten verwerven om op internationale schaal te kunnen meedraaien in de uitwisseling van gegevens en informatie en het voeren van onderzoek.

Intergouvernementele Oceanografische Commissie

Het IODE-programma is op zijn beurt een onderdeel van de Intergouvernementele Oceanografische Commissie (IOC) van UNESCO: wereldwijd het belangrijkste orgaan inzake oceaanwetenschappen en van essentieel belang voor het oplossen van mondiale problemen zoals de klimaatverandering.

De ambitie van Vlaanderen om zich internationaal te profileren, vertaalde zich onder meer in het oprichten van het Flanders UNESCO Science Trust fund (FUST) in 1999. FUST laat toe om op een structurele wijze wetenschappelijke programma's van UNESCO te ondersteunen die aansluiten bij een aantal gemeenschappelijk bepaalde prioriteiten. Een belangrijk deel van de middelen van dit trustfonds gaan naar activiteiten van de IOC.

G 10 jaar Unesco in Oostende, dé hub voor meer dan 1 000 oceaanexperten wereldwijd

Opleidingscentrum en meer

In 2005 werd de samenwerking tussen Vlaanderen en de IOC nog opgevoerd met de opening van het UNESCO/IOC Project Office for IODE in Oostende. Dit centrum is in de eerste plaats een opleidingscentrum waar data- en informatiebeheerders uit voornamelijk ontwikkelingslanden de nodige kennis en vaardigheden komen opdoen om te functioneren in de internationale context van de oceanografie en de zeewetenschappen. Het is tevens een ontmoetingsplaats voor onderzoekers om gemeenschappelijke projecten uit te werken en nieuwe technologieën en ontwikkelingen uit te testen.

Biodiversiteit

Sinds 2012 is ook het secretariaat van het Ocean Biogeographic Information System (OBIS) gehuisvest in het projectkantoor. De biodiversiteitsgegevens van meer dan 500 instituten komen hier samen in een centrale databank. Met de meer dan 40 miljoen verspreidingsgegevens van alle in zee levende soorten draagt OBIS in grote mate bij tot het zeewetenschappelijk onderzoek en is het de referentiedatabank voor natuurevaluatie en monitoring.

Het UNESCO/IOC Project Office for IODE maakte het mogelijk om op een meer gestructureerde manier de knowhow van ontwikkelingslanden te vergroten inzake het beheer van oceanografische data en informatie en gaf zodoende een belangrijke impuls aan de internationale samenwerking en aan het wetenschappelijk onderzoek naar oceaangerelateerde onderwerpen.

Nieuwe technologische toepassingen

Het UNESCO/IOC Project Office for IODE legt zich eveneens toe op het ontwikkelen en implementeren van nieuwe technologische toepassingen op het gebied van oceanografisch data- en informatiebeheer. Dit komt wereldwijd verschillende gebruikersgemeenschappen ten goede en liet onder andere toe om tsunamiwaarschuwingssystemen in verschillende delen van de wereld te verfijnen. De onmiddellijke nabijheid van het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) en de eraan verbonden instellingen en netwerken is een bepalende factor voor het succes van het UNESCO/IOC Project Office for IODE omdat het toelaat om nieuwe ontwikkelingen in een operationele omgeving uit te testen.

Als kenniscentrum is het UNESCO/IOC Project Office for IODE een belangrijke aanwinst voor de Vlaamse zeewetenschappelijke gemeenschap om de eigen kennis en activiteiten in een internationaal kader te ontwikkelen.

Pionier krijgt navolging

Binnen de internationale gemeenschap van oceaanwetenschappers hoeft niemand overtuigd te worden van het belang van het UNESCO/IOC Project Office for IODE. Wat er de voorbije tien jaar in Oostende is gerealiseerd is zo waardevol dat het centrum navolging krijgt. De komende jaren worden over de hele wereld tien opleidingscentra geopend naar het voorbeeld van het UNESCO/IOC Project Office for IODE. Deze centra zullen zich elk op een specifieke regio of taalgroep concentreren. Zo zal een veelvoud aan studenten kunnen worden opgeleid en kunnen de kennis en cursussen onderling gedeeld worden. Het UNESCO/IOC Project Office for IODE zal de coördinatie van deze regionale opleidingscentra op zich nemen.


Video

Websites

]]>
Natuurwetenschapsters bekroond voor baanbrekend werkhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/3/5/natuurwetenschapsters-bekroond-voor-baanbrekend-werkThu, 05 Mar 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/3/5/natuurwetenschapsters-bekroond-voor-baanbrekend-werkUnesco en L'Oréal eren vijf vrouwen die de natuurwetenschappen serieus vooruit hielpen.

Natturwetenschapsters bekroond voor baanbrekend werkElk jaar reiken Unesco en cosmeticareus L'Oréal een prestigieuze award uit aan prominente wetenschapsters uit vijf wereldregio's. Dit jaar gaat het om vrouwen die baanbrekend werk verrichtten in de natuurwetenschappen. Met de uitreiking van de award willen beide partners meer jonge vrouwen stimuleren om te kiezen voor een carrière in de wetenschappen. In het kader van het For Women In Science programma kennen Unesco en L'Oréal ook internationale en nationale beurzen toe om het onderzoek van jonge wetenschapsters te ondersteunen.

De L'Oréal/Unesco Award For Women In Science 2015 gaat naar:

Prof. Rajaâ Cherkaoui El Moursli (Marokko, Afrika en de Arabische staten) voor haar bijdrage aan het vinden van het bewijs van het bestaan van het Higgsdeeltjes dat massa creëert in het universum. In haar land staat ze bekend als de 'onderzoekactiviste' omdat ze zich serieus inspande om het niveau van het wetenschappelijk onderzoek in Marokko te verhogen. Ze stond eveneens mee aan de wieg van de eerste masteropleiding medische wetenschap in Marokko. De Belgische natuurkundige François Englert en zijn Britse collega Peter Higgs kregen in 2013 de Nobelprijs voor de Fysica omdat ze het bestaan van het Higgsdeeltjes hadden voorspeld.

Prof. Yi Xie (China, Azië en het gebied van de Stille Oceaan) voor haar bijdrage aan het creëren van nieuwe nanomaterialen met veelbelovende toepassingen voor de omzetting van warmte of zonlicht in elektriciteit. Haar werk zal de vervuiling helpen terugdringen en de energie-efficiëntie stimuleren.

Prof. Dame Carole Robinson (Verenigd Koninkrijk, Europa) voor het creëren van een revolutionaire methode voor het bestuderen van hoe eiwitten functioneren, met name membraaneiwitten, en voor de oprichting van een geheel nieuw wetenschappelijk terrein: gasfase structurele biologie. Haar werk is van groot belang voor de ontwikkeling van het medisch onderzoek.

Prof. Thaisa Storchi Bergmann (Brazilië, Latijns-Amerika) omdat haar werk leidde tot een beter begrip van massieve zwarte gaten, een van de meest raadselachtige en complexe fenomenen van het universum. Ze was de eerste onderzoeker die ontdekte dat materie kan ontsnappen uit zwarte gaten.

Prof. Molly S. Shoichet (Canada, Noord-Amerika) voor de ontwikkeling van nieuwe materialen om beschadigd zenuwweefsel te regenereren en van een nieuwe methode om medicijnen direct aan het ruggenmerg en de hersenen te leveren. Haar werk zorgde ervoor dat de chemie spectaculaire nieuwe toepassingen kent in de geneeskunde.

De L'Oréal/Unesco Awards For Women In Science worden officieel uitgereikt op 18 maart tijdens een plechtigheid aan de Sorbonne in Parijs. Momenteel is er ook een unieke tentoonstelling te zien in de Franse luchthavens Charles de Gaulle en Orly met foto's van de vijf laureaten van de hand van de vermaarde fotografe Brigitte Lacombe.


]]>
Wereldradiodag 2015http://www.unesco-vlaanderen.be/2015/2/12/wereldradiodag-2015Thu, 12 Feb 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/2/12/wereldradiodag-2015Unesco topvrouw Irina Bokova wil dat jongeren een luidere stem krijgen dankzij radio en dat het medium ten volle wordt benut om uitsluiting tegen te gaan.

Wereldradiodag 2015"De vierde jaarlijkse Wereldradiodag, gevierd op 13 februari, staat in het teken van jongeren. Unesco pleit ervoor om mensen onder de 30 meer aan bod te laten komen in het maatschappelijk leven en debat. Radio is een doeltreffend instrument om dat doel te helpen verwezenlijken.

Jonge vrouwen en mannen zijn onvoldoende vertegenwoordigd in de media - een uitsluiting die vaak een afspiegeling is van een bredere sociale, economische of democratische uitsluiting. Jonge producenten en verslaggevers of presentatoren zijn eerder zeldzaam. Er zijn te weinig programma's die zich richten op, of gemaakt worden door, jonge mensen. Dat verklaart voor een deel waarom er zoveel hardnekkige stereotypen over jongeren blijven circuleren in de media en in de ether.

Het is vaak dankzij jongeren (burgerjournalisten of freelancers) dat internationale media kunnen berichten over de ontwikkelingen in gevoelige of gevaarlijke regio's. Velen riskeren hun leven ten dienste van informatie en de radio. We kunnen hen een dienst bewijzen door hen meer zendtijd te bieden. Dan kan leiden tot innovatieve ideeën en nieuwe standpunten die het maatschappelijk debat een stimulans geven. Dat is het doel van Wereldradiodag en sluit aan bij de inspanningen van Unesco om alle vormen van uitsluiting tegen te gaan.

Radio schept ook een gemeenschapsgevoel door de verspreiding van informatie. Het helpt gemeenschappen om uit hun isolement te breken in tijden van gewapende conflicten, politieke spanningen of humanitaire tegenspoed. Zo zorgde Unesco recent voor de verspreiding van medische informatie langs de radio in de gebieden getroffen door de uitbraak van Ebola. Radio kan ook helpen om het sociaal weefsel te herstellen in gemeenschappen van vluchtelingen. De Organisatie steunt de productie van programma's voor en door jongeren.

Unesco hoopt dat Wereldradiodag een stimulans kan zijn voor de internationale gemeenschap om zich rond het medium radio te scharen en om zoveel mogelijk gebruik te maken van het potentieel van radio voor het bevorderen van sociale inclusie, intergenerationele dialoog en sociale verandering."

Irina Bokova
directeur-generaal van Unesco


]]>
Unesco bezorgd om boekverbrandingen in Irakhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/2/11/unesco-bezorgd-om-boekverbrandingen-in-irakWed, 11 Feb 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/2/11/unesco-bezorgd-om-boekverbrandingen-in-irakAanhoudende vernieling van cultureel erfgoed in Irak baart grote zorgen.

Unesco bezorgd om boekverbrandingen in IrakEr komen verschillende alarmerende berichten uit Irak over de massale vernietiging van boeken in musea, bibliotheken en universiteiten van Mosul. Unesco directeur-generaal Irina Bokva reageert met afschuw: "Deze vernietiging is een nieuw dieptepunt in de culturele schoonmaak die gepleegd wordt in gebieden die gecontroleerd worden door gewapende extremisten. Het komt bovenop de systematische vernieling van erfgoed en de vervolging van minderheden. Deze acties zijn gericht op het uitwissen van de culturele diversiteit die de ziel van het Iraakse volk vormt."

Volgens berichten in verschillende media zijn er de afgelopen weken duizenden boeken over filosofie, recht, wetenschap en poëzie moedwillig verbrand. Als deze verhalen kloppen, gaat het om een van de grootste vernietigingen van bibliotheekcollecties ooit.

"Het verbranden van boeken is een aanslag tegen de cultuur en de kennis, zoals we recent ook zagen in Timbuktu bij de verbranding van de manuscripten van het Ahmed Baba Centrum. Dergelijk geweld komt voort uit een fanatiek project dat zowel mensenlevens als intellectuele creatie viseert. Unesco is 70 jaar geleden opgericht om dit soort van geweld te bestrijden door middel van onderwijs, wetenschap en cultuur met instrumenten voor vrede en dialoog. Dergelijke vernietigingen zijn een trieste herinnering aan het feit dat de landen van de wereld moeten blijven samenwerken om dit soort van fanatisme te bestrijden," aldus Irina Bokova.

Unesco volgt de culturele schoonmaak in Irak al gedurende verschillende maanden en veroordeelt systematisch de activiteiten van gewapende extremisten die zich richten op de vernieling van cultureel erfgoed, op de vervolging van culturele en religieuze minderheden en op de vernietiging van documenten die de geschreven getuigenis vormen van een van de oudste beschavingen van onze geschiedenis.

]]>
Europees Netwerk van Nationale Unesco Commissies opgerichthttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/2/11/europees-netwerk-van-nationale-unesco-commissies-opgerichtWed, 11 Feb 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/2/11/europees-netwerk-van-nationale-unesco-commissies-opgerichtDe commissies willen Unesco meer input en ondersteuning bieden.

Europees Netwerk van Nationale Unesco Commissies opgerichtOp 4 en 5 februari 2015 is in de Duitse stad Bonn het Europees Netwerk van Nationale Unesco Commissies opgericht. De Europese Commissies besloten tot de oprichting om de oorspronkelijke denktankfunctie van Unesco te versterken. Het is een rol van Unesco die wat op de achtergrond is geraakt en tegenwoordig ondergeschikt lijkt aan politieke, diplomatieke en organisatorische belangen.

Door informatie onderling te delen, samen bijeenkomsten te houden over actuele onderwerpen of waar mogelijk andere gezamenlijke activiteiten te organiseren, willen de Commissies intensiever samenwerken en zo toegevoegde waarde leveren aan de doelstellingen van Unesco.

Bij de oprichtingsvergadering waren 34 van de 37 Europese Commissies uit EU-landen, kandidaat EU-landen en EFTA-landen vertegenwoordigd. Het Secretariaat van Unesco was betrokken door de aanwezigheid van adjunct-directeur-generaal Eric Falt. Eveneens aanwezig was een vertegenwoordiger van het Unesco Liaison Office in Brussel. Het netwerk wil namelijk ook de samenwerking zoeken met Europese organisaties zoals de Europese Unie.

De oprichting van het netwerk is een initiatief van de algemeen secretarissen van de Duitse, Vlaamse en Nederlandse Commissies. De organisatie van het netwerk wordt licht en eenvoudig gehouden, zodat de kosten beperkt zijn. Individuele Commissies kunnen aanhaken bij activiteiten wanneer zij dat wensen, maar er zijn geen formele verplichtingen.

Tijdens de vergadering werd de gezamenlijke website gepresenteerd, waarop Commissies hun voorbeeldpraktijken kunnen delen, ideeën kunnen uitwisselen en becommentariëren en online kunnen samenwerken. De geplande lancering van de website is in maart. In diverse workshops zijn onderwerpen besproken waarop de Commissies kunnen samenwerken, zoals smart cities en de rol van cultureel erfgoed om binnensteden te revitaliseren, sustainable science en educatie voor duurzame ontwikkeling.

De eerste jaarlijkse bijeenkomst van het Europees Netwerk van Nationale Unesco Commissies zal in 2016 plaatsvinden in Warschau. Het jaar daarna mogelijk in Den Haag of Brussel.


]]>
Delegatie Vlaams parlement bezoekt Unescohttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/2/4/delegatie-vlaams-parlement-bezoekt-unescoWed, 04 Feb 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/2/4/delegatie-vlaams-parlement-bezoekt-unescoLeden van de Commissie Buitenlands Beleid bespreken de samenwerking tussen Vlaanderen en Unesco met de directeur-generaal van Unesco.

Delegatie Vlaams parlement bezoekt UnescoIrina Bokova, directeur-generaal van Unesco, ontving de leden van de Commissie voor Buitenlands Beleid, Europese Aangelegenheden, Internationale Samenwerking, Toerisme en Onroerend Erfgoed van het Vlaams Parlement op 30 januari 2015 op de hoofdzetel van de Organisatie in Parijs.

De Commissie is actief op verschillende gebieden dit deel uitmaken van het mandaat van Unesco. De ontmoeting was een gelegenheid om te vernemen hoe Unesco verschillende globale uitdagingen aanpakt. Ander punt op de agenda was de samenwerking tussen Vlaanderen en Unesco die voortvloeit uit de middelen die Vlaanderen specifiek daarvoor ter beschikking van de Organisatie stelt.

De directeur-generaal drukte haar waardering uit voor de steun van Vlaanderen, met name op het vlak van onderwijs en wetenschappen, en benadrukte het belang van dergelijke langlopende samenwerkingsverbanden. De voorbije 15 jaar ondersteunde Vlaanderen het werk van Unesco met ongeveer 28 miljoen euro.

De voorzitter van de Commissie, Rik Daems, feliciteerde de directeur-generaal voor de wijze waarop ze Unesco leidt in bijzonder moeilijke budgettaire omstandigheden. Hij beklemtoonde het belang van oceaanbeheer in de internationale samenwerking tussen Vlaanderen en Unesco en verwees naar het in Oostende gevestigde IOC Project Office for IODE dat dit jaar zijn tiende verjaardag viert met een evenement in Brugge.

]]>
Het architecturale oeuvre van Le Corbusier genomineerd als werelderfgoedhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/1/28/het-architecturale-oeuvre-van-le-corbusier-genomineerd-als-werelderfgoedWed, 28 Jan 2015 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2015/1/28/het-architecturale-oeuvre-van-le-corbusier-genomineerd-als-werelderfgoedZeven landen dienen een werelderfgoednominatiedossier rond het architecturale oeuvre van Le Corbusier in bij Unesco.

Het architecturale oeuvre van Le Corbusier genomineerd als werelderfgoedZeven landen, waaronder België, hebben een nominatiedossier ingediend bij Unesco om het architecturale oeuvre van Le Corbusier te laten inschrijven op de Werelderfgoedlijst. Daartoe is op 19 januari 2015 een ondertekeningsceremonie gehouden op de hoofdzetel van Unesco in Parijs. Eerdere pogingen om het oeuvre als werelderfgoed te laten erkennen (in 2009 en 2011) mislukten.

Het nominatiedossier dat is ingediend bij Unesco behelst een zogenaamde seriële nominatie en omvat 17 gebouwen en gebouwcomplexen uit zeven landen: Argentinië, België, Duitsland, Frankrijk, India, Japan en Zwitserland. Voor België gaat het om de woning Guiette in Antwerpen, het enige nog bestaande werk van Le Corbusier in ons land en de unieke realisatie van het 'Maison Citrohan', een van de vroege theoretische woningmodellen van Le Corbusier.

Nu het dossier is ingediend start de formele evaluatieprocedure: het dossier wordt eerst inhoudelijk onderzocht door experts van de Internationale Raad voor Monumenten en Landschappen (ICOMOS). In het najaar brengt een delegatie een bezoek aan alle 17 sites. Op basis van de bureaustudie en de bezoeken ter plaatse brengt ICOMOS tegen mei 2016 een advies uit aan het Werelderfgoedcomité van Unesco. In de zomer van 2016 volgt een uitspraak over het al dan niet krijgen van een plaats op de Werelderfgoedlijst.

]]>