UNESCO Platform Vlaanderen, thema "gezondheid"http://www.unesco-vlaanderen.be2012-01-24T13:33:53Het UNESCO Platform Vlaanderen legt zich in de eerste plaats toe op het zo breed mogelijk verspreiden van informatie over de activiteiten en programma’s van UNESCO. Dat doet ze onder meer via het driemaandelijks tijdschrift UNESCO info, door het uitgeven van brochures rond specifieke UNESCO-prioriteiten en door het runnen van een informatie- en documentatiecentrum waar mensen kunnen aankloppen met vragen die verband houden met UNESCO.http://www.unesco-vlaanderen.be/media/html/unesco_platform_vlaanderen_logo.pngUNESCO Platform Vlaanderen, thema "gezondheid"http://www.unesco-vlaanderen.benlSavoirs des femmes: médecine traditionnelle et naturehttp://www.unesco-vlaanderen.be/2012/1/24/savoirs-des-femmes-médecine-traditionnelle-et-natureTue, 24 Jan 2012 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2012/1/24/savoirs-des-femmes-médecine-traditionnelle-et-natureTraditionele geneeskunde op Réunion, Mauritius en Rodrigues.

Savoirs des femmes: médecine traditionnelle et natureDe eilanden Réunion, Mauritius en Rodrigues beschikken over unieke medicinale tradities. Ze zijn de vrucht van een proces van creolisering. De tradities en hun toepassingen zijn onlosmakelijk verbonden met de natuur waaruit ze putten. Ze zijn een sleutel tot het begrijpen van de samenlevingen op deze eilanden die voortdurende balanceren tussen traditie en moderniteit.

Deze aanvankelijk onbewoonde eilanden, werden vanaf de late zeventiende eeuw bevolkt door mensen afkomstig uit Europa, Madagaskar, Afrika, India, China, Polynesië, Australië... De dialoog tussen de medicinale kennis die specifiek zijn voor elk van hen, zorgde voor de schepping van een gemeenschappelijke kennis, voornamelijk doorgegeven door vrouwen.

Dit boek belicht de kennis van vrouwen over medicinale planten en medische procedures, waaronder de knowhow over het begeleiden van de bevalling. Het staat ook stil bij de rol van de traditionele medicinale kennis in de samenlevingen op deze eilanden nu ze een toenemende verwestersing ondergaan.


U kan het boek rechtstreeks bestellen via Unesco Publishing: bestel hier

]]>
UNESCO wil het toilet heruitvindenhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2011/8/30/unesco-wil-het-toilet-heruitvindenTue, 30 Aug 2011 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2011/8/30/unesco-wil-het-toilet-heruitvindenHet UNESCO-Instituut voor Watereducatie krijgt steun van de Bill en Melinda Gates Stichting om de sanitaire problemen van ontwikkelingslanden aan te pakken.

UNESCO wil het toilet heruitvindenDe Bill & Melinda Gates Stichting kent een bedrag van 8 miljoen dollar toe aan het in Delft gevestigde UNESCO-IHE Instituut voor Watereducatie en zijn partners. Het geld is bestemd voor postgraduaateducatie en onderzoek die zich toeleggen op het zoeken naar oplossingen voor de sanitaire problemen van arme stadsbewoners in Afrika ten zuiden van de Sahara en Zuidoost-Azië.

Volgens professor Damir Brdjanovic, die het project bedacht en coördineert, gaat het om het grootste onderzoeks- en educatieprogramma ooit dat is afgestemd op de sanitaire noden van arme stadsbewoners. Gedurende een periode van vijf jaar zal het project ruim 500 experts uit ontwikkelingslanden opleiden en 130 werkjaren aan onderzoek opleveren.

"Om te beantwoorden aan de behoeften van de 2,6 miljard mensen die niet over veilige sanitaire voorzieningen beschikken, moeten we niet enkel het toilet heruitvinden maar ook veilige, betaalbare en duurzame manieren vinden om menselijke uitwerpselen op te vangen, te behandelen en te recycleren," aldus Sylvia Mathews van de Bill & Melinda Gates Stichting. "Het is van groot belang dat we daarvoor nauw samenwerken met lokale gemeenschappen om tot langdurige sanitaire oplossingen te komen die het dagelijks leven van mensen verbeteren."

Het onderzoek in het kader van het project concentreert zich op vijf hoofdthema's: slimme sanitaire oplossingen voor sloppenwijken en informele nederzettingen; sanitaire noodoplossingen na natuur- en antropologische rampen; gedecentraliseerde sanitaire voorzieningen; goedkope opvang en behandeling van afvalwater en ten slotte het beheer van rioolstromen.


]]>
Maak kennis met Christine Van Broeckhovenhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2011/1/27/maak-kennis-met-christine-van-broeckhovenThu, 27 Jan 2011 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2011/1/27/maak-kennis-met-christine-van-broeckhovenDe laureate van de L'Oréal-UNESCO Award for Women in Science 2006 staat centraal in een nieuw televisieprogramma.

Canvas gaat op donderdag 27 januari van start met een nieuwe televisiereeks die topwetenschappers introduceert bij het brede publiek. De eerste aflevering van Alles voor de wetenschap stelt Christine Van Broeckhoven voor.

Christine Van Broeckhoven is professor moleculaire biologie aan de Universiteit Antwerpen en genetica aan het Vlaams Instituut voor Biotechnologie. Ze is gekend voor haar onderzoek naar hersenziekten in het algemeen en naar Alzheimerdementie in het bijzonder. Haar werk leverde haar internationale erkenning en talrijke prijzen op, waaronder de L'Oréal-UNESCO Award for Women in Science 2006.

UNESCO en L'Oréal startten in 1998 met hun samenwerking om meer erkenning te geven aan de bijdrage van vrouwen tot wetenschappelijke vooruitgang en om meer meisjes en vrouwen warm te maken voor een carrière in de wetenschap.

Alles voor de wetenschap met Christine Van Broeckhoven is te zien op donderdag 27 januari 2011 om 20u40.


Lees een interview met Christine Van Broeckhoven over de ondervertegenwoordiging en onderwaardering van vrouwen in de wetenschap, verschenen in UNESCO info 66 in 2007.

Bekijk de trailer van Alles voor de wetenschap met Christine Van Broeckhoven.

Bekijk fragmenten uit de aflevering van Alles voor de wetenschap met Christine Van Broeckhoven.

]]>
UNESCO wil grootste chemisch experiment ooit opzettenhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2011/1/19/unesco-wil-grootste-chemisch-experiment-ooit-opzettenWed, 19 Jan 2011 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2011/1/19/unesco-wil-grootste-chemisch-experiment-ooit-opzettenSamen met het startschot van het Internationaal Jaar van de Chemie weerklinkt de oproep voor scholen om deel te nemen aan het grootste scheikundige experiment ooit.

UNESCO wil grootste chemisch experiment ooit opzettenUNESCO en de Internationale Unie voor Zuivere en Toegepaste Chemie (IUPAC), die samen de locomotief vormen van het Internationaal Jaar van de Chemie, willen het grootste scheikundige experiment ter wereld opzetten.

Het wereldwijde project, dat de titel Water: Een chemische oplossing meekreeg, moedigt leerlingen van basis- en secundaire scholen aan om experimenten uit te voeren rond waterkwaliteit - zoals het testen van het zoutgehalte, de zuurtegraad en het leren filteren en distilleren. Achterliggende doelstelling is om jongeren van alle leeftijden bewust te maken van het belang van water en hen aan te zetten er duurzaam mee om te springen.

Leerlingen zullen de resultaten van hun experimenten kunnen ingeven op een speciale website met een interactieve wereldkaart die de resultaten van alle deelnemers toont. De initiatiefnemers hopen dat het project zal uitgroeien tot het grootste scheikundige experiment ooit.

Naar aanleiding van het Internationaal Jaar van de Chemie staat er nog een tweede onderwijsproject op stapel. Het draait rond klimaatverandering en is afgestemd op leerlingen van de derde graad van het secundair onderwijs en op studenten hoger onderwijs. Via 13 interactieve lessen krijgen jongeren meer inzicht in de wetenschappelijke verschijnselen die aan de grondslag liggen van klimaatverandering en de gevolgen ervan voor het leefmilieu; en leren ze meer over hoe de mensheid de klimaatverandering beïnvloedt. Deelnemers aan dit project zullen ook experimenten moeten uitvoeren en hun resultaten delen via een website.

Officiële lancering

UNESCO en de IUPAC lanceren het Internationaal Jaar van de Chemie officieel op 27 en 28 januari 2011 met een tweedaagse conferentie op de hoofdzetel van UNESCO in Parijs. Op 27 januari staan de bijdrage van chemie tot het moderne leven, de positie van vrouwen in de scheikunde en de band tussen chemie en duurzame ontwikkeling op de agenda. Op 28 januari wordt de verhouding van chemie tot een aantal onderwerpen onderzocht, zoals gezondheid, energie, materialen, voeding en economische en sociale aspecten.

"De verantwoordelijke ontwikkeling van de chemie kan helpen om een aantal grote vragen van deze tijd te beantwoorden zoals hoe kunnen we mensen van voedsel voorzien, hoe kunnen we de volksgezondheid verbeteren en hoe kunnen we zorgen voor duurzame ontwikkeling? Het Internationaal Jaar van de Chemie is het uitgelezen moment om stil te staan bij deze vragen," aldus Irina Bokova, directeur-generaal van UNESCO. "We moeten ons meer bewust worden van het potentieel van de chemie om het leven in het belang van iedereen op een positieve manier te beïnvloeden."

Klik [hier] voor meer informatie over het wereldwijd experiment Water: A Chemical Solution


]]>
Urban Water Security: Managing Riskshttp://www.unesco-vlaanderen.be/2010/5/31/urban-water-security-managing-risksMon, 31 May 2010 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2010/5/31/urban-water-security-managing-risksUrban+Water+Security%3a+Managing+RisksNaar aanleiding van de zesde fase van UNESCO's Internationaal Hydrologisch Programma (2002-2007), geeft UNESCO een reeks publicaties uit die fundamentele kwesties behandelt in verband met de rol van water in steden en de effecten van verstedelijking op de hydrologische cyclus en de watervoorraden. Gericht op de ontwikkeling van een geïntegreerde aanpak voor duurzaam stedelijk waterbeheer, wil de reeks het werk vergemakkelijken van stedelijk waterbeheerders, beleidsmakers en mensen die daaromtrent opleidingen verzorgen.

Inzicht in de effecten van verstedelijking op de stedelijke waterkringloop en het beheer van de bijbehorende gezondheidsrisico's vergen adequate strategieën en maatregelen. Gezondheidsrisico's in verband met de stedelijke watersystemen en -diensten omvatten de microbiologische en chemische verontreiniging van stedelijke wateren en uitbraak van watergerelateerde ziekten, voornamelijk als gevolg van een slechte water- en sanitaire voorzieningen in stedelijke gebieden, en van het lozen van onvoldoende behandeld of onbehandeld, industrieel en huishoudelijk afvalwater. Klimaatverandering verergert deze problemen nog, en dus moet er rekening gehouden worden met alternatieve scenario's in het stedelijk water risicobeheer.

Urban Water Security: Managing Risks is het resultaat van een project dat onderdeel is van UNESCO's Internationaal Hydrologisch programma en behandelt vraagstukken omtrent de problematiek van het stedelijk waterbeheer. Het eerste deel beschrijft de risico's die samenhangen met de stedelijke watersystemen en -diensten. Vervolgens wordt het concept van het risicobeheer voor stedelijk water besproken en worden verschillende benaderingen van het beheer en de beheersing van het stedelijk waterrisico's verkend. Een afsluitend hoofdstuk bevat casestudies over het beheer van stedelijk waterrisico's.


U kan het boek rechtstreeks bestellen via Unesco Publishing: bestel hier

]]>
Aquatic Habitats in Sustainable Urban Water Managementhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2009/10/5/aquatic-habitats-in-sustainable-urban-water-managementMon, 05 Oct 2009 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2009/10/5/aquatic-habitats-in-sustainable-urban-water-managementAquatic+Habitats+in+Sustainable+Urban+Water+ManagementAquatische habitats hebben heel wat te bieden aan steden en hun inwoners vanuit het perspectief van het ecosysteem. Het niet-duurzame gebruik van deze aquatische habitats, inclusief onoordeelkundig stedelijk waterbeheer, leidt tot een verandering of een vermindering van de biodiversiteit wat dan weer resulteert in een verminderd vermogen van het ecosysteem om zuiver water te produceren, om ons te beschermen tegen vervuiling en ziektes die zich via water verspreiden, om steden te beschermen tegen overstromingen enz...

Aquatic Habitats in Sustainable Urban Water Management vloeit voort uit een samenwerking tussen twee UNESCO-programma's: het Internationaal Hydrologisch Programma (IHP) en het Mens en Biosfeerprogramma (MAB). De samenwerking beoogt tot een beter begrip te komen van aquatische habitats, hoe ze interageren met ecosystemen en hoe ze het best beheerd en gebruikt worden - met bijzondere aandacht voor de integratie ervan in het stedelijk waterbeheer.

Het eerste deel van het boek is een voorstelling van de basisconcepten en uitdagingen met betrekking tot stedelijke aquatische habitats, alsook van mogelijke strategieën voor geïntegreerd beheer. Het tweede deel onderzoekt de technische maatregelen met betrekking tot het beheer en de rehabilitatie van habitats, alsook de invloed die ze hebben op de menselijke gezondheid. Het laatste deel gaat in op de belangrijkste problemen met betrekking tot stedelijke aquatische habitats en op hoe deze praktisch kunnen worden aangepakt. Dit laatste gebeurt op basis van casestudies van over de hele wereld.


U kan het boek rechtstreeks bestellen via Unesco Publishing: bestel hier

]]>
Olympisch volleybalkampioene krijgt eretitel van UNESCOhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2009/9/8/olympisch-volleybalkampioene-krijgt-eretitel-van-unescoTue, 08 Sep 2009 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2009/9/8/olympisch-volleybalkampioene-krijgt-eretitel-van-unescoDe Braziliaans volleybalspeelster Jackie Silva krijgt de titel van UNESCO Champion for Sport en komt daarmee in het rijtje te staan waarin ook Justine Henin, Usain Bolt en Michael Schumacher een prominente plaats innemen. Olympisch+volleybalkampioene+krijgt+eretitel+van+UNESCOTijdens een ceremonie op de hoofdzetel van UNESCO in Parijs duidde de topman van UNESCO, Koïchiro Matisuura, de Braziliaanse volleybalkampioene Jackie Silva aan als UNESCO Champion for Sport.

Jackie Silva begon haar volleybalcarrière op 14-jarige leeftijd toen ze begon te spelen voor het Braziliaanse nationaal team. In 1994 riep de Vereniging van Volleybalprofessionals haar uit tot beste speelster ter wereld. In 1996 werd ze op de Olympische Spelen van Atlanta de eerste Braziliaanse atlete die goud veroverde, samen met haar landgenote Sandra Pires.

Na een glorieuze carrière als sterspeelster in Brazilië, Italië en de Verenigde Staten, richtte ze in 1999 het Jackie Silva Instituut op en het eerste Jackie's Volleyball Club sportcentrum op. Het instituut werd geboren vanuit de overtuiging dat sport sociale banden kan smeden tussen jonge mensen. Inmiddels heeft het instituut 49 centra, verspreid over de deelstaat Rio de Janeiro die gerund worden in samenwerking met lokale overheden en ngo's. Ze proberen nieuwe talenten te ontwikkelen en kansen te bieden aan kwetsbare en achtergestelde jongeren. Er zijn zo'n 6.000 kinderen en jongeren, van 8 tot 16 jaar oud, ingeschreven in de centra. Naast sporttrainingen organiseren de centra workshops en lezingen rond hiv en aidspreventie, tienerzwangerschap en druggebruik.

Met deze nieuwe aanduiding wil UNESCO meer aandacht vragen voor haar inspanningen op het vlak van inclusief onderwijs. Deze vorm van onderwijs is gebaseerd op het universeel recht op kwaliteitsvol onderwijs en combineert educatie met persoonlijke ontwikkeling. Daarbij gaat bijzondere aandacht uit naar kwetsbare en achtergestelde groepen en streeft men naar de ontwikkeling van het potentieel van elk individu. Jackie Silva deelt de overtuiging van UNESCO dat sport kan bijdragen tot vrede en ontwikkeling. De atlete zal zich actief inzetten om onderwijsprojecten van UNESCO te promoten, vooral in Portugeessprekende landen.

Als UNESCO Champion of Sport treedt Jackie Silva in de voetsporen van sportlui zoals Justine Henin (tennis), Michael Schumacher (Formule 1), Usain Bolt (atletiek), Vitali & Wladimir Klitschko (boksen) en Sergei Bubka (atletiek).

]]>
Wereldwaterdag in het teken van sanitaire voorzieningenhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2008/3/20/wereldwaterdag-in-het-teken-van-sanitaire-voorzieningenThu, 20 Mar 2008 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2008/3/20/wereldwaterdag-in-het-teken-van-sanitaire-voorzieningenHet thema van de Wereldwaterdag die jaarlijks gehouden wordt om de waterproblematiek onder de aandacht te brengen, sluit dit jaar aan bij het Internationaal Jaar van Sanitatie. Wereldwaterdag+in+het+teken+van+sanitaire+voorzieningenBijna 40 procent van de wereldbevolking heeft geen toegang tot goede sanitatie. De Verenigde Naties willen mensen en middelen mobiliseren om daar iets aan te doen en riepen 2008 daarom uit tot Internationaal Jaar van Sanitatie. Water is onlosmakelijk verbonden met goede sanitatie en dus is Wereldwaterdag een uitstekende gelegenheid om de publieke opinie voor dit thema te sensibiliseren.

Goede sanitatie bestaat uit schone en veilige toiletten, goede rioleringen en persoonlijke hygiëne. Dagelijks overlijden duizenden vrouwen en kinderen aan ziektes die veroorzaakt worden door een gebrek hieraan.

Tussen 1990 en 2004 zijn meer dan 1,2 miljard mensen geholpen op het gebied van sanitatie. Zo'n 2,6 miljard mensen (inclusief 980 miljoen kinderen) zijn echter nog steeds niet bereikt. Elke 20 seconden sterft er een kind tengevolge van ontbrekende of gebrekkige sanitaire voorzieningen.

Een van de Millenniumontwikkelingsdoelen is de halvering van het aantal mensen zonder goede sanitatie. Jammer genoeg zien de prognoses er niet goed uit. Experts berekenden dat er tegen 2015 nog steeds 2,1 miljard mensen niet zullen beschikken over elementaire sanitaire voorzieningen. Als er geen serieuze bijkomende inspanningen geleverd worden, zal dit doel in Afrika ten zuiden van de Sahara pas in 2076 bereikt worden.

Deze vaststelling is des te ernstiger aangezien vooruitgang op het vlak van sanitatie ook een invloed heeft op het behalen van de andere Millenniumontwikkelingsdoelen. Op plaatsen waar sanitaire voorzieningen aanwezig zijn, gaan meer kinderen naar school. Vooral meisjes worden vaak door hun ouders thuisgehouden als er geen toilet is. Voorlichting over persoonlijke hygiëne - zoals handen wassen - voorkomt ziektes als diarree, de op één na belangrijkste doodsoorzaak onder kinderen jonger dan vijf jaar.

Ook het milieu lijdt onder een gebrek aan sanitatie. Ecosystemen geraken ontregeld als er grote hoeveelheden onbehandeld afvalwater in terechtkomen. Een verbeterd afvalwaterbeheer en sanitatie helpen om waterbronnen te beschermen tegen vervuiling en ziekteverwekkers.

Met haar watergerelateerde programma's en activiteiten draagt de UNESCO bij tot de realisatie van de Milleniumontwikkelingsdoelen inzake water en sanitatie. Het Internationaal Hydrologisch Programma (IHP) van de UNESCO, bijvoorbeeld, behandelt het sanitatieprobleem in een bredere context door te werken aan duurzaam waterbeheer in steden en door onderzoek te voeren naar innovatieve manieren om sanitatie in te voeren.

Klik hier voor meer informatie over Wereldwaterdag 2008.

Klik hier voor enkele feiten en cijfers over het belang van goede sanitaire voorzieningen.

Klik hier voor meer informatie over het Internationaal Jaar van Sanitatie.

]]>
Internationale Dag van de Geletterdheid 2007http://www.unesco-vlaanderen.be/2007/9/6/internationale-dag-van-de-geletterdheid-2007Thu, 06 Sep 2007 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2007/9/6/internationale-dag-van-de-geletterdheid-2007Op 8 september wordt overal ter wereld de Internationale Dag van de Geletterdheid gevierd. Dit jaar staat de band tussen geletterdheid en gezondheid centraal. Internationale+Dag+van+de+Geletterdheid+2007De essentiële relatie tussen geletterdheid en gezondheid staat centraal op de Internationale Dag van Geletterdheid die jaarlijks op 8 september gevierd wordt. De directeur-generaal van de UNESCO, Koïchiro Matsuura, wijst erop dat geletterde mensen over meer mogelijkheden beschikken om de voordelen die voortvloeien uit gezondheidszorg en onderwijs, te benutten. Geschoolde ouders sturen hun kinderen gemakkelijker naar school en begrijpen hun gezondheidsnoden beter. Zij zullen bijvoorbeeld eerder openstaan voor methoden voor gezinsplanning of preventieve gezondheidsmaatregelen zoals inentingen.

In veel landen is al heel wat vooruitgang geboekt op het vlak van alfabetisering, maar er blijven grote uitdagingen bestaan. Naar schatting 774 miljoen volwassen, waarvan 2/3 vrouwen, zijn ongeletterd. Meer dan 72 miljoen kinderen gaan niet naar school en nog veel meer gaan onregelmatig naar de les. Bovendien kunnen veel nieuwe geletterden hun lees- en schrijfvaardigheden moeilijk onderhouden bij gebrek aan geschikt materiaal.

De UNESCO houdt een officiële ceremonie ter viering van de Internationale Dag van de Geletterdheid tijdens de African Regional Conference in Support of Global Literacy in Bamako (Mali). Daar zullen enkele mensen onderscheiden worden voor hun opmerkelijke bijdragen tot gezondheid en geletterdheid.

Op diezelfde gelegenheid brengt de UNESCO het boek The Alphabet of Hope: Writers for Literacy en de documentaire Brothers of Pen and Paper uit. In het boek pleiten enkele internationaal gerenommeerde auteurs voor geletterdheid voor iedereen. De documentaire is een coproductie met het AMREF, een van de grootste Afrikaanse gezondheidsorganisaties, en is geregisseerd door enkele jonge Kenianen die eenzelfde visie delen over de link tussen geletterdheid en gezondheid.

Klik hier voor meer informatie over de Internationale Dag van de Geletterdheid 2007.

]]>
Justine Henin waarschuwt jongeren voor dopinghttp://www.unesco-vlaanderen.be/2007/7/18/justine-henin-waarschuwt-jongeren-voor-dopingWed, 18 Jul 2007 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2007/7/18/justine-henin-waarschuwt-jongeren-voor-dopingUNESCO Champion for Sport, Justine Henin, sprak met de jonge spelers die deelnamen aan een Frans, door de UNESCO gesteund, jeugdtennistornooi. Justine+Henin+waarschuwt+jongeren+voor+dopingAan de start van het Stade Français Paris - BNP Paribas Cup tennistornooi voor spelers van 13 en 14 jaar oud, sprak UNESCO Champion for Sport Justine Henin op 9 juli 2007 de jonge deelnemers in Parijs toe om hen te waarschuwen voor de gevaren en verlokkingen van doping. Het was haar eerste opdracht in het kader van haar nieuwe functie en één van de verschillende bewustmakingsinitiatieven die de UNESCO organiseerde tijdens het tornooi dat onder haar auspiciën georganiseerd wordt.

U werd in december van vorig jaar uitgeroepen tot UNESCO Champion for Sport. Dit was de eerste keer dat u officieel namens de Organisatie sprak, niet?

Justine Henin: Dit was inderdaad het eerste initiatief dat ik ondernam. Ik vond het vooral belangrijk omdat het gericht was op jongeren van 13 en 14 jaar. Dat is een belangrijke leeftijd om bepaalde aspecten van het leven te leren begrijpen. Ik probeerde over te brengen dat sport moet gevoed worden door passie, door de liefde voor het spel. Ik heb er natuurlijk mijn beroep van gemaakt, maar boven alles blijf ik van sport houden. Ik hou ervan om te winnen, ik ben een competitiebeest, maar ik hou ook van de opofferingen die je moet opbrengen om te kunnen slagen. Geloof me vrij, er bestaat geen grotere voldoening dan te slagen nadat je alles hebt gegeven.

Uw taak voor de UNESCO spitst zich vooral toe op het vergroten van het publiek bewustzijn over het probleem van doping in de sport.

Doping gebruiken, is de kluit bedriegen en dat kan ik me niet inbeelden, noch op persoonlijk vlak noch in mijn carrière. Winnen is belangrijk maar niet ten koste van alles. Doping is duidelijk een kwestie van ethiek, van eerlijkheid tegenover jezelf, van integriteit en waardigheid maar boven alles van gezondheid. Je leven in gevaar brengen om te winnen, dat kan voor mij niet.

Jammer genoeg evolueren we naar een (sport)wereld waarin geld en allerlei andere belangen meespelen maar we mogen niet vergeten dat sport in de eerste plaats een spel is. En het helpt ons om instrumenten voor ons verdere leven te ontwikkelen - dat is wat ik aan de kinderen wou duidelijk maken. Ik zei hen: "Jullie zijn nu heel erg bezig met jullie sport en dat is zeer goed. Geef alles wat je in je hebt, maar tot op zekere hoogte. Sommige grenzen mag je nooit overschrijden. Wees voorzichtig. Laat je niet zomaar door alles beïnvloeden."

En kwam de boodschap over?

Het verschilt enorm van individu tot individu. Sommige jongeren hadden al een sterk ontwikkelde persoonlijkheid en hadden duidelijk bepaalde waarden aangenomen. Anderen zijn zover nog niet. Wat me vooral trof, is zien hoezeer sommige kinderen open staan voor advies, hoezeer ze bezorgd zijn, terwijl anderen dan weer weinig geïnteresseerd zijn en het discours over doping zeer licht opnemen. Zij hebben nog een langere weg af te leggen.

Klik hier voor meer informatie over het jeugdtennistornooi waar de UNESCO aan sensibilisering doet.

]]>
UNESCO en doping: het waaromhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2005/12/1/unesco-en-doping-het-waaromThu, 01 Dec 2005 07:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2005/12/1/unesco-en-doping-het-waaromMoet de UNESCO zich eigenlijk wel met doping bezig houden? We vroegen het aan iemand van het Vlaamse Team voor Medisch Verantwoord Sporten.

Soms klinkt er kritiek op de UNESCO omdat de Organisatie zich met teveel dingen tegelijkertijd zou bezighouden - wat haar efficiëntie niet bevordert. Als dan het nieuws komt dat de UNESCO een conventie ter bestrijding van het dopinggebruik in de sport ontwikkeld heeft, schrapen diezelfde kritische stemmen wellicht de kelen. Moet de UNESCO zich daar in hemelsnaam mee bezighouden? Ja, zo laat het antwoord van Patrick Ghelen van het Team Medisch Verantwoord Sporten van de administratie Gezondheidszorg zich samenvatten. Hieronder toch nog wat meer uitleg bij het belang van de nieuwe conventie voor Vlaanderen en de wereld.

Hoe kijkt Vlaanderen tegen de Internationale Conventie tegen het Dopinggebruik in de Sport aan?

Patrick Ghelen: "Vlaanderen en minister van Sport Bert Anciaux scharen zich resoluut achter de Internationale Conventie tegen het Dopinggebruik in de Sport. Het is belangrijk dat dopingbestrijding internationaal gestroomlijnd wordt en dat kan dankzij deze conventie."

Waarom is de conventie belangrijk?

Patrick Ghelen: "De conventie biedt ons in feite een tweede juridische poot om op te staan bij het afstemmen van ons intern dopingbeleid op de internationale afspraken daaromtrent. De andere juridische poot is de Antidopingconventie die in het kader van de Raad van Europa is ontwikkeld en die we reeds geratificeerd hebben."

Is dopingbestrijding niet in de eerste plaats een zaak voor het WADA?

Patrick Ghelen: "Op internationaal vlak geniet vooral het Wereld Antidoping Agentschap (WADA), opgericht in 1999, grote bekendheid inzake dopingbestrijding. Probleem is echter dat het WADA een bijzondere constructie is. Het is er gekomen op initiatief van het Internationaal Olympisch Comité om de sportwereld en overheden samen de strijd tegen doping in de sport te laten aanpakken. Dat komt tot uiting in de structuur van het agentschap: de Raad van het WADA bestaat voor de ene helft uit vertegenwoordigers van overheden en intergouvernementele organisaties en voor de andere helft uit vertegenwoordigers van sportorganisaties. Maar het WADA zelf is een stichting opgericht onder Zwitsers privaat recht. Gevolg daarvan is dat staten voor juridische problemen komen te staan als zij het WADA en haar reglementering willen erkennen. Enkel sportfederaties konden daardoor de antidopingcode van het WADA ondertekenen. Aan dit probleem is wel enigszins een mouw gepast met de Verklaring van Kopenhagen tegen het gebruik van Doping in de Sport uit 2003: een soort van morele code waarmee staten hun engagement konden uitspreken om de principes van het WADA te volgen en het agentschap te ondersteunen maar meer dan een plechtige verklaring zonder juridische waarde was dat echter niet. Wel zorgde die verklaring ervoor dat Vlaanderen (volgens een interne verdeelsleutel in België) het WADA mee kan financieren (voor volgend jaar is 69.000 euro voorzien) en dat Vlaanderen de WADA-lijst van verboden producten kon overnemen en WADA-controles op zijn grondgebied kan toelaten, maar de Verklaring biedt geen juridische basis om de interne regelgeving af te stemmen op de principes van het WADA."

Een probleem waarmee niet alleen Vlaanderen kampt, maar alle landen die internationaal willen samenwerken in de strijd tegen doping.

Patrick Ghelen: "Uiteraard is dit juridisch probleem een internationaal probleem en dus moest op internationaal vlak een oplossing gezocht worden. Zoals eerder gezegd is er wel de Antidopingconventie van de Raad van Europa, maar die is slechts op een 46 lidstaten van toepassing, wat te beperkt is ten opzichte van het WADA. En zo kwam men al gauw uit bij de UNESCO, een organisatie met 191 lidstaten die internationaal meer gewicht in de schaal legt. De Internationale Conventie tegen het Dopinggebruik in de Sport zal, eens ze van kracht wordt, aan alle landen die ze ratificeerden, de juridische basis bieden om hun intern beleid volledig te harmoniseren met de internationale afspraken en principes inzake dopingbestrijding, zoals het WADA die naar voor schuift. Daarom is Vlaanderen een groot voorstander van de conventie - aangezien we al langer het principe van een internationale dopingbestrijding onderschrijven - en treffen we nu al volop voorbereidingen om onze regelgeving inzake dopingbestrijding voor 100% af te stemmen op de principes van het WADA (die de Unesco-conventie inspireerden)."

]]>
Globale aanpak van dopinghttp://www.unesco-vlaanderen.be/2005/12/1/globale-aanpak-van-dopingThu, 01 Dec 2005 06:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2005/12/1/globale-aanpak-van-dopingDe UNESCO ontwikkelde een Internationale Conventie tegen het Dopinggebruik in de Sport. Het moet het eerste bindende, universele instrument ter bestrijding van doping worden.

Globale+aanpak+van+dopingTijdens de 33ste Algemene Conferentie van de UNESCO namen de lidstaten van de Organisatie een Internationale Conventie tegen het Dopinggebruik in de Sport aan. Een globaal antwoord op een globaal probleem, dat wil deze conventie zijn. Ze biedt regeringen een wettelijk kader voor de internationale harmonisering van de strijd tegen doping in de sport, een probleem dat de ethische en sociale waarde van de sport op de helling zet - om nog maar te zwijgen van de bedreiging van de gezondheid van de atleten.

Dopinggebruik

De voorbije Olympische Spelen in Athene in 2004 waren goed voor een recordaantal op doping betrapte atleten. Volgens de Franse Conseil de prévention et de lutte contre le dopage (CPLD) bevatte 5% van de vorig jaar van professionele atleten afgenomen stalen, sporen van verboden producten.

Op doping betrapte atleten halen dikwijls de hoofdpunten van het nieuws maar over het gebruik van dopingproducten onder amateur-sporters horen we maar zelden iets. Nochtans dreigt ook hier een probleem. Volgens een studie van de Europese Commissie uit 2002 gaf bijna 6% van de klanten van fitnesscentra in verschillende Europese landen toe dopingproducten te gebruiken om hun prestaties te bevorderen. Een onderzoek van de Univesiteit van Quebec in datzelfde jaar toonde aan dat 26% van de ondervraagde amateur-atleten de laatste 12 maanden minstens één keer een product had gebruikt dat op de verboden lijst van het Olympisch Comité staat.

Internationale harmonisering

De Internationale Conventie tegen het Dopinggebruik in de Sport vult een leemte. De meeste internationale standaardiserende instrumenten - of ze nu nationaal, regionaal of internationaal zijn - leggen de nadruk op repressie en het opsporen van producten in het lichaam, een aanpak die zijn beperkingen heeft. Andere instrumenten, zoals het Internationaal Olympisch Charter Tegen Doping in de Sport (1988), zijn dan weer niet universeel en wettelijk bindend.

De nieuwe conventie tegen doping wil verder gaan dan opsporing en sanctionering. Het verdrag zet lidstaten aan om "binnen hun mogelijkheden, educatie en opleidingsprogramma's rond antidoping te implementeren," om zo de publieke opinie bewuster te maken van de schadelijke gevolgen van doping voor de gezondheid en de ethische waarde van de sport. Er moet ook meer geïnformeerd worden over de verantwoordelijkheid die atleten dragen en over de testprocedures. De ondertekenaars zullen zich ook inzetten om de "actieve participatie van atleten en sportpersoneel bij alle facetten van de dopingbestrijding te bevorderen."

Uniforme maatregelen

Wat testen en straffen betreft, stipuleert de nieuwe conventie dat alle atleten volgens dezelfde regels regelmatig getest moeten worden - met uniforme sancties bij inbreuken. Lidstaten moeten de nodige maatregelen nemen in overeenstemming met de principes zoals vermeld in de Mondiale Antidoping Code van het Wereld Antidoping Agentschap (WADA) die in 2003 in Kopenhagen werd aangenomen tijdens de Wereldconferentie over Doping in de Sport.

De Mondiale Antidoping Code en andere internationale instrumenten die de technische en operationele aspecten van dopingbestrijding (zoals welke producten verboden zijn, welke uitzonderingen zijn toegestaan voor therapeutisch gebruik, procedures voor laboratoria e.d.) vastleggen vormen samen een universeel geheel van regels inzake antidoping. De conventie wil een nieuwe procedure instellen waarbij de lidstaten zich snel akkoord zouden verklaren met de lijst van verboden producten en uitzonderingen zoals die door het WADA is opgesteld en regelmatig geactualiseerd wordt.

De conventie vraagt dat haar lidstaten internationaal gaan samenwerken en hun beleid beter afstemmen op de principes die het WADA naar voor schuift zoals geen voorafgaande waarschuwing bij controles die zowel binnen als buiten competitie gehouden kunnen worden. Ook grensoverschrijdende dopingcontroleteams behoort tot het arsenaal van dopingbestrijdingsinstrumenten die de conventie wil ingesteld zien.

De nieuwe antidopingconventie is een gevolg van de Rondetafel van ministers van Sport die 360 deelnemers uit 103 landen samenbracht op het Unesco-hoofdkwartier in Parijs in januari 2003. De 32ste Algemene Conferentie van de UNESCO sloot zich in 2003 aan bij het idee om een dergelijke conventie op te stellen. Op 19 oktober 2005 nam de 33ste Algemene Conferentie de Internationale Conventie tegen het Dopinggebruik in de Sport aan. De conventie zal in werking treden nadat ze is geratificeerd door 30 landen. Gehoopt wordt dat dit voor de Olympische Winterspelen in Turijn in 2006 zal zijn. Zweden beet alvast de spits af en ratificeerde de conventie als eerste op 9 november 2005.

]]>
Women's Rights and Bioethicshttp://www.unesco-vlaanderen.be/2005/10/25/women's-rights-and-bioethicsTue, 25 Oct 2005 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2005/10/25/women's-rights-and-bioethicsLorraine Dennerstein

Dit boek komt voort uit een rondetafelconferentie over bio-ethiek en vrouwen die in 1996 op het UNESCO-hoofdkantoor gehouden werd naar aanleiding van de vierde sessie van het Internationaal Bio-ethiekcomité. Het presenteert een aantal case studies en ervaringen uit het veld van diverse actoren die in uiteenlopende gebieden actief zijn zoals gezondheidszorg, wettelijke aangelegenheden, bestuur en psychologie.

Het toont bijvoorbeeld aan hoe abortus in India een wijdverspreid middel is om de geboorte van jongens te verzekeren. Uit een enquête, uitgevoerd in Bombay, blijkt dat 85% van de gynaecologen vruchtwaterpuncties uitvoeren met als enige doel om het geslacht te achterhalen, en dat bijna 80% van hen daarna abortussen uitvoerde. Andere case studies handelen onder andere over besnijdenis, geweld tegen meisjes en vrouwen in Latijns-Amerika en adoptie in Nederland.

De auteurs opperen vooral vragen van ethische aard omtrent autonomie, gelijkheid, gerechtigheid, mensenrechten en trachten een aantal principes the definiëren die als basis kunnen dienen om een aantal antwoorden te formuleren.


U kan het boek rechtstreeks bestellen via Unesco Publishing: bestel hier

]]>
UNESCO presenteert conventie tegen doping in de sporthttp://www.unesco-vlaanderen.be/2005/10/20/unesco-presenteert-conventie-tegen-doping-in-de-sportThu, 20 Oct 2005 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2005/10/20/unesco-presenteert-conventie-tegen-doping-in-de-sportDe Algemene Conferentie van de UNESCO keurde een Internationale Conventie Tegen Doping in de Sport goed. Het moet het eerste bindende, universele instrument ter bestrijding van doping worden. UNESCO+presenteert+conventie+tegen+doping+in+de+sportTijdens de 33ste Algemene Conferentie van de UNESCO namen de lidstaten van de Organisatie een Internationale Conventie Tegen Doping in de Sport aan. Een globaal antwoord op een globaal probleem, dat wil deze conventie zijn. Ze biedt regeringen een wettelijk kader voor de internationale harmonisering van de strijd tegen doping in de sport, een probleem dat de ethische en sociale waarde van de sport op de helling zet - om nog maar te zwijgen van de bedreiging van de gezondheid van de atleten.

Dopinggebruik

De voorbije Olympische Spelen in Athene in 2004 waren goed voor een recordaantal op doping betrapte atleten. Volgens de Franse Conseil de prévention et de lutte contre le dopage (CPLD) bevatte 5% van de vorig jaar van professionele atleten afgenomen stalen, sporen van verboden producten.

Op doping betrapte atleten halen dikwijls de hoofdpunten van het nieuws maar over het gebruik van dopingproducten onder amateur-sporters horen we maar zelden iets. Nochtans dreigt ook hier een probleem. Volgens een studie van de Europese Commissie uit 2002 gaf bijna 6% van de klanten van fitnesscentra in verschillende Europese landen toe dopingproducten te gebruiken om hun prestaties te bevorderen. Een onderzoek van de Univesiteit van Quebec in datzelfde jaar toonde aan dat 26% van de ondervraagde amateur-atleten de laatste 12 maanden minstens één keer een product had gebruikt dat op de verboden lijst van het Olympisch Comité staat.

Internationale harmonisering

De Internationale Conventie Tegen Doping in de Sport vult een leemte. De meeste internationale standaardiserende instrumenten - of ze nu nationaal, regionaal of internationaal zijn - leggen de nadruk op repressie en het opsporen van producten in het lichaam, een aanpak die zijn beperkingen heeft. Andere instrumenten, zoals het Internationaal Olympisch Charter Tegen Doping in de Sport (1988), zijn dan weer niet universeel en wettelijk bindend.

De nieuwe conventie tegen doping wil verder gaan dan opsporing en sanctionering. Het verdrag zet lidstaten aan om "binnen hun mogelijkheden, educatie en opleidingsprogramma's rond anti-doping te implementeren," om zo de publieke opinie bewuster te maken van de schadelijke gevolgen van doping voor de gezondheid en de ethische waarde van de sport. Er moet ook meer geïnformeerd worden over de verantwoordelijkheid die atleten dragen en over de testprocedures. De ondertekenaars zullen zich ook inzetten om de "actieve participatie van atleten en sportpersoneel bij alle facetten van de dopingbestrijding te bevorderen."

Uniforme maatregelen

Wat testen en straffen betreft, stipuleert de nieuwe conventie dat alle atleten volgens dezelfde regels regelmatig getest moeten worden - met uniforme sancties bij inbreuken. Lidstaten moeten de nodige maatregelen nemen in overeenstemming met de principes zoals vermeld in de Wereld Anti-Doping Code van het Wereld Anti-Doping Agentschap (WADA) die in 2003 in Kopenhagen werd aangenomen tijdens de Wereldconferentie over Doping in de Sport.

De Wereld Anti-Doping Code en andere internationale instrumenten die de technische en operationele aspecten van dopingbestrijding (zoals welke producten verboden zijn, welke uitzonderingen zijn toegestaan voor therapeutisch gebruik, procedures voor laboratoria e.d.) vastleggen vormen samen een universeel geheel van regels inzake anti-doping. De conventie wil een nieuwe procedure instellen waarbij de lidstaten zich snel akkoord zouden verklaren met de lijst van verboden producten en uitzonderingen zoals die door het WADA is opgesteld en regelmatig geactualiseerd wordt.

De conventie vraagt dat haar lidstaten internationaal gaan samenwerken en hun beleid beter afstemmen op de principes die het WADA naar voor schuift zoals geen voorafgaande waarschuwing bij controles die zowel binnen als buiten competitie gehouden kunnen worden. Ook grensoverschrijdende dopingcontroleteams behoort tot het arsenaal van dopingbestrijdingsinstrumenten die de conventie wil ingesteld zien.

De nieuwe anti-dopingconventie is een gevolg van de Rondetafel van ministers van Sport die 360 deelnemers uit 103 landen samenbracht op het Unesco-hoofdkwartier in Parijs in januari 2003. De 32ste Algemene Conferentie van de UNESCO sloot zich in 2003 aan bij het idee om een dergelijke conventie op te stellen. Op 19 oktober 2005 nam de 33ste Algemene Conferentie de Internationale Conventie Tegen Doping in de Sport aan. De conventie zal in werking treden nadat ze is geratificeerd door 30 landen. Gehoopt wordt dat dit voor de Olympische Winterspelen in Turijn in 2006 zal zijn.

Klik hier voor de integrale tekst van de zopas door de Algemene Conferentie van de UNESCO aangenomen Internationale Conventie Tegen Doping pdf (pagina 25)

]]>
Nieuwe waterfilter kan miljoenen levens reddenhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2005/10/19/nieuwe-waterfilter-kan-miljoenen-levens-reddenWed, 19 Oct 2005 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2005/10/19/nieuwe-waterfilter-kan-miljoenen-levens-reddenHet UNESCO-IHE Instituut voor Watereducatie ontwikkelde een nieuwe filter die water zuivert van arsenicum. De nieuwe technologie kan miljoenen mensenlevens redden maar om de filter in massa te kunnen produceren, zijn geldschieters nodig. Nieuwe+waterfilter+kan+miljoenen+levens+reddenHet in het Nederlandse Delft gevestigde UNESCO-IHE Instituut voor Watereducatie ontwikkelde een nieuwe filter die arsenicum uit water haalt en zo tientallen miljoenen levens kan redden. Het is een eenvoudige en ecologisch verantwoorde technologie die een absorberend gerecycleerd bijproduct gebruikt dat bijna overal ter wereld gratis te vinden is.

Ernstig probleem

Arsenicum kan zowel op natuurlijke wijze in water terechtkomen als ten gevolge van menselijke activiteit zoals mijnbouw, mineraalontginning en steenkoolcentrales. Er bestaat geen behandeling voor besmetting door met arsenicum vervuilt water. Preventie is de enige oplossing. Het is een ernstig probleem in veel landen over de ganse wereld, waaronder Bangladesh en de Verenigde Staten, maar ook Argentinië, Chili, China, Ghana, Hongarije, India en Mexico.

"In verschillende landen, waaronder Griekenland en Servië en Montenegro, troffen we reeds arsenicumconcentraties in het water aan die 10 tot 20 keer hoger waren dan het maximum aanvaardbare," zegt Branislav Petrusevski, directeur van het UNESCO-IHE-project. Het maximum dat de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) vooropstelt is 0,01 mg per liter maar "in het grondwater van Bangladesh bijvoorbeeld, meten we concentraties tot 1,8 mg per liter." Volgens de WHO treft het probleem ginds 30 miljoen mensen.

Gevaarlijk goedje

"Recent medisch onderzoek toont bovendien aan dat langdurige blootstelling aan zelfs zeer lage concentraties arsenicum kanker en allerlei andere medische problemen kan veroorzaken," benadrukt Petrusevski de ernst van het probleem.

Petrusevski leidt een internationaal team dat zich al vijf jaar over het probleem buigt. "De technologie is gebaseerd op de arsenicumabsorberende eigenschappen van met ijzeroxide omhuld zand. Als je dat op commerciële wijze moet gaan produceren, is het enorm duur. En als de absorptiecapaciteit is opgebruikt, moet je het vervangen en zit je nog met een afvalprobleem."

Goedkope oplossing

Het team kwam echter op het idee om gerecycleerd met ijzeroxide omhuld zand te gebruiken dat een bijproduct is van centrales die grondwater zuiveren. "Overal ter wereld gebruiken centrales zand om ijzer uit water te filteren en dat moet om de zoveel tijd vervangen worden. Dat zand is omhuld met ijzeroxide en laat dat nu net uiterst geschikt zijn om arsenicum uit water te fileren. Het is gratis en de technologie die steunt op het gebruik ervan is goedkoop," vertelt Petrusevski. Het filtersysteem is bovendien gemakkelijk te gebruiken, verbruikt geen elektriciteit en kan lokaal geproduceerd worden. Eén filter kan 100 liter arsenicumvrij water per dag produceren, goed voor de behoeften van 20 mensen en dus ideaal voor huishoudgebruik.

Sinds februari 2004 worden 14 'familiefilters' getest in landelijke gebieden in Bangladesh waar het grondwater zwaar vervuild is met arsenicumconcentraties die gemakkelijk 0,5 mg per liter bedragen. Na meer dan anderhalf jaar dagelijks gebruik produceren 12 filters nog steeds arsenicumvrij water zonder dat de absorptiestof diende vervangen te worden. Binnenkort worden nog eens 1.000 filters verdeeld in Bangladesh tijdens de tweede fase van het project.

Volgende stap

"Parallel ontwikkelden we ook een eenvoudige en goedkope regeneratieprocedure voor verzadigde absorptiestof. Een dergelijke procedure is vooral van belang voor gecentraliseerde arsenicumfiltertoepassingen," zegt Petrusevski. Dergelijke technologie, bestemd voor watermaatschappijen, wordt momenteel getest in Griekenland en Hongarije. De kosten zijn vergelijkbaar met de traditionele grondwaterzuivering maar de impact op het milieu is kleiner.

Het is duidelijk dat de innovatieve technologie die het UNESCO-IHE Instituut voor Watereducatie ontwikkelde heel wat voordelen biedt en talrijke mensen ten goede kan komen. Om ervoor te zorgen dat zoveel mogelijk mensen van de voordelen van de technologie kunnen genieten, moet die in massa geproduceerd worden. Maar koken kost geld en dus roept de UNESCO de donorgemeenschap op om dit project te steunen.

]]>
Abdallah S. Daar: laureaat van de Avicenna Prijs voor Ethiek in Wetenschap 2005http://www.unesco-vlaanderen.be/2005/6/1/abdallah-s-daar-laureaat-van-de-avicenna-prijs-voor-ethiek-in-wetenschap-2005Wed, 01 Jun 2005 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2005/6/1/abdallah-s-daar-laureaat-van-de-avicenna-prijs-voor-ethiek-in-wetenschap-2005De tweejaarlijkse prijs waarmee de UNESCO individuen of groepen wil erkennen voor hun bijdrage tot het bevorderen van de ethische dimensie van de wetenschap gaat dit jaar naar Abdallah S. Daar.

De directeur-generaal van de UNESCO, Koïchiro Matsuura, koos, na advies van een vakkundige jury, Abdallah S. Daar tot laureaat van de Avicenna Prijs voor Ethiek in Wetenschap. De jury kwam bijeen op 22 maart 2005 te Bangkok, Thailand. De prijs wil de activiteiten gerelateerd aan ethiek in wetenschap van een individu of groep in de bloemetjes zetten.

Dr. Daar, afkomstig uit Oman, studeerde chirurgie aan de Sultan Qaboos Universiteit van Oman. Momenteel is hij professor aan de Universiteit van Toronto. Eveneens is hij benoemd tot directeur van het Programma in Toegepaste Ethiek en Biotechnologie en tot co-directeur van het Canadees Programma betreffende Gentechnologie en Globale Gezondheidszorg op het Centrum voor Bio-ethiek van de Universiteit van Toronto en tot directeur Ethiek en Beleid van het McLaughlin Centrum voor Moleculaire Geneeskunde.

Dr. Daar leverde reeds een grote bijdrage tot het onderzoek naar ethiek in wetenschap en technologie. Zijn onderzoek overspant niet alleen een grote waaier aan onderwerpen, maar probeert eveneens onderwerpen die de grenzen tussen wetenschap en ethiek en technologie en maatschappij doen vervagen tot in de diepte te doorgronden. Het indrukwekende aantal publicaties behandelt eerder traditionele onderwerpen zoals transplantatie van een levende donor tot meer excentrieke zaken zoals het gebruik van stamcellen, gentechnologie en xenotransplantatie.

De prijs dankt zijn naam aan de gerenommeerde elfde eeuwse Islamitische fysicus en filosoof Abu Ali al-Husain Ibn Abdallah Ibn Sina (980-1038), die in Europa gekend was als Avicenna. De prijs wordt om de twee jaar uitgereikt en bestaat uit een medaille, een certificaat, een som van 10.000 dollar en een academisch bezoek van een week aan de Islamitische Republiek Iran.

]]>
L'Oréal en UNESCO werken samen aan educatie in HIV/AIDS-preventiehttp://www.unesco-vlaanderen.be/2005/5/5/l'oréal-en-unesco-werken-samen-aan-educatie-in-hivaids-preventieThu, 05 May 2005 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2005/5/5/l'oréal-en-unesco-werken-samen-aan-educatie-in-hivaids-preventieL'Oréal en de UNESCO sloten een akkoord betreffende educatie in HIV/AIDS-preventie. In het kader van dit akkoord zal de campagne 'Kappers van de wereld tegen HIV/AIDS' worden gelanceerd. "De helft van de 4,3 miljoen mensen die jaarlijks wereldwijd besmet worden met HIV, zijn jongeren tussen 15 en 24 jaar," deelt UNAIDS mee. "Vrouwen vertegenwoordigen de helft van het totaal aantal geïnfecteerden dat geschat wordt op totaal 37 miljoen." Koïchiro Matsuura, directeur-generaal van de UNESCO, vindt dat alle geledingen van onze maatschappij moeten worden gemobiliseerd in de strijd tegen deze ziekte die een niet te onderschatten impact heeft op de ontwikkeling in grote delen van de wereld.

Vanuit deze ingesteldheid ondertekenden de UNESCO en L'Oréal op 3 mei een overeenkomst waaronder zal samengewerkt worden op het vlak van educatie in HIV/AIDS-preventie. Samen zullen ze de campagne 'Kappers van de wereld tegen HIV-AIDS' opstarten. Een programma dat wil sensibiliseren rond HIV/AIDS door cursussen in HIV/AIDS-preventie aan te bieden aan kappers in opleiding. Deze cursussen zullen aangepast worden aan de cultuur en de gebruiken van het land in kwestie.

Op dit moment heeft L'Oréal reeds een soortgelijk programma lopen in Afrika. Dit voorzag totnogtoe in 170.000 trainingsdagen. Na de opleiding kunnen de kappers hun kennis uitdragen terwijl ze met klanten praten tijdens het kappen. Kapsalons zijn dan ook uitstekende plaatsen voor sociale uitwisseling en dialoog.

L'Oréal kan, door zijn wereldwijd netwerk, op die manier bijdragen aan de strijd tegen HIV/AIDS. Het bedrijf heeft 115 technische trainingscentra verspreid over 50 landen, daarnaast zijn er 400.000 salons partner en zijn er meer dan 2 miljoen professionals bereid om het educatief programma kracht bij te zetten. Naast Afrika zullen ook India en Brazilië in het programma stappen.

Dit programma illustreert de prioriteit die de UNESCO geeft aan het opstarten van initiatieven die educatie in HIV/AIDS-preventie bevorderen. Het zet de werkzaamheden verder van het Business Forum over HIV/AIDS-preventie en -educatie dat in december vorig jaar door de UNESCO en de Global Business Coalition on HIV/AIDS (GBC) werd georganiseerd.

]]>
Verenigde Naties stellen eerste Wereldwaterrapport voorhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2003/5/1/verenigde-naties-stellen-eerste-wereldwaterrapport-voorThu, 01 May 2003 01:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2003/5/1/verenigde-naties-stellen-eerste-wereldwaterrapport-voorHet meest uitgebreide en actuele rapport over de staat van 's werelds waterhulpbronnen rangschikt België helemaal onderaan voor wat de waterkwaliteit betreft.

Gezien de "inactiviteit op het besluitvormend niveau" zal de wereldwijde watercrisis de komende jaren nooit eerder vertoonde hoogten bereiken, met een "groeiend tekort aan water per hoofd van de bevolking in vele ontwikkelingslanden", dat staat te lezen in een VN-rapport dat onlangs verschenen is. Watervoorraden zullen gestaag afnemen door bevolkingsgroei, milieuvervuiling en klimaatverandering.

Het World Water Development Report - Water for People, Water for Life - is het meest veelomvattende up-to-date overzicht van deze natuurlijke hulpbron. Vlak voor aanvang van het derde Wereld Water Forum (Kyoto, Japan, 16 t/m 23 maart) is het gepresenteerd. Het is de belangrijkste intellectuele bijdrage aan dat Forum en aan het Internationaal Jaar van het Zoetwater, dat wordt gecoördineerd door de UNESCO en de afdeling Economische en Sociale Zaken van de VN.

Bij het samenstellen van het rapport werkten alle VN-agentschappen en -commissies die zich met water bezighouden voor het eerst samen om de vooruitgang in kaart te brengen met betrekking tot watergerelateerde doelstellingen op het vlak van gezondheid, voedsel, ecosystemen, steden, industrie, energie, risicomanagement, economische evaluatie, het delen van voorraden en governance. De 23 VN-partners werken samen in het World Water Assessment Programme (WWAP), waarvan de UNESCO het secretariaat voert.

Watercrisis

"Van alle maatschappelijke en natuurlijke crises waaraan de mensheid het hoofd moet bieden, is een oplossing voor de watercrisis het belangrijkst voor ons overleven en dat van de planeet Aarde," aldus UNESCO directeur-generaal Koïchiro Matsuura.

"Geen enkele regio is immuun voor deze crisis, die elk aspect van het menselijk leven omvat, van de gezondheid van kinderen tot het in staat zijn van landen om te voldoen aan de voedselbehoefte van hun bevolking", vervolgt Matsuura. "Watervoorraden worden steeds kleiner, terwijl de waterbehoefte drastisch stijgt in een onhoudbaar tempo. Naar verwachting daalt de gemiddelde watervoorraad per persoon de komende jaren wereldwijd met eenderde."

Ondanks het feit dat de bewijzen voor de crisis alomtegenwoordig zijn, is de politieke wil om deze trends om te keren onvoldoende aanwezig. Op een reeks internationale conferenties werd de afgelopen 25 jaar aandacht besteed aan vele aspecten van water, inclusief manieren om de water- en sanitaire voorzieningen te verzorgen die de komende jaren nodig zijn. Verschillende doelen werden gesteld om het waterbeheer te verbeteren, maar "bijna geen enkele", aldus het rapport, "is bereikt."

"Problemen van houding en gedrag liggen ten grondslag aan de crisis," vervolgt het rapport: "Inactiviteit op besluitvormend niveau, en een wereldbevolking die zich niet of nauwelijks bewust is van de omvang van het probleem hebben ervoor gezorgd dat niet tijdig actie werd ondernomen".

Watervoorraad

Veel landen en gebieden verkeren al in een crisissituatie. Het rapport rangschikt meer dan 180 landen en gebieden op de beschikbare hoeveelheid vernieuwbaar water per hoofd van de bevolking. Dat betekent al het water dat in omloop is aan de oppervlakte, in de grond of de diepe bodem.

Het armst in termen van de beschikbaarheid van water is Koeweit (met 10 m³ per persoon per jaar), gevolgd door de Gazastrook (52 m³), de Verenigde Arabische Emiraten (58 m³), de Bahamas (66 m³), Qatar (94 m³), de Malediven (103 m³), Libië (113 m³), Saoedi-Arabië (118 m³), Malta (129 m³) en Singapore (149 m³).

De top-tien van waterrijkste landen (met uitzondering van Groenland en Alaska) luidt als volgt: Frans Guyana (812.121 m³ per persoon per jaar), IJsland (609.319 m³), Guyana (316.689 m³), Suriname (292.566 m³), Congo (275.679 m³), Papoea-Nieuw-Guinea (166.563 m³), Gabon (133.333 m³), de Solomoneilanden (100.000 m³), Canada (94.353 m³) en Nieuw- Zeeland (86.554 m³).

Medio de 21ste eeuw zullen op zijn slechtst 7 miljard mensen in 60 landen met waterschaarste kampen; op zijn best zijn dat 2 miljard mensen in 48 landen. Dit is afhankelijk van factoren als bevolkingsgroei en beleid. Volgens het rapport zal klimaatverandering verantwoordelijk zijn voor 20% van de toename van de waterschaarste. Natte gebieden zullen meer regen ontvangen, terwijl die zal afnemen in vele droge gebieden en zelfs in sommige tropische en subtropische regio's. De waterkwaliteit zal dalen door toenemende watervervuiling en hogere watertemperaturen.

De watercrisis "zal verergeren, ondanks het voortgaande debat over de vraag of zij eigenlijk wel bestaat," aldus het rapport. Per dag wordt circa 2 miljoen ton afval gedumpt in rivieren, meren en stromen. Eén liter afvalwater vervuilt circa acht liter zoetwater. Volgens berekeningen in het rapport is de totale omvang van vervuild water wereldwijd naar schatting 12.000 km³. Dat is meer dan de hoeveelheid water die op een willekeurig moment in totaal aanwezig is in de tien grootste rivierbekkens van de wereld. Als de vervuiling gelijke tred houdt met de bevolkingsgroei, dan zal de wereld rond 2050 zo'n 18.000 km³ zoetwater zijn kwijtgeraakt. Dat is bijna negenmaal de totale hoeveelheid water die jaarlijks wereldwijd voor irrigatie wordt gebruikt. Irrigatie slokt met 70% het grootste deel van deze natuurlijke hulpbron op.

Waterkwaliteit

122 landen zijn in het rapport gerangschikt op hun waterkwaliteit en op hun mogelijkheden en wil om de situatie te verbeteren. België bengelt helemaal onderaan vanwege de lage kwantiteit en kwaliteit van het grondwater in combinatie met de zware industriële vervuiling en het slecht omgaan met afvalwater. Het wordt gevolgd door Marokko, India, Jordanië, Soedan, Niger, Burkina Faso, Burundi, de Centraal-Afrikaanse Republiek en Rwanda.

De lijst van landen met de beste waterkwaliteit wordt aangevoerd door Finland, gevolgd door Canada, Nieuw-Zeeland, het Verenigd Koninkrijk, Japan, Noorwegen, de Russische Federatie, Zuid-Korea, Zweden en Frankrijk.

"De armen worden nog steeds het zwaarst getroffen; 50% van de bevolking in ontwikkelingslanden wordt blootgesteld aan vervuilde waterbronnen," aldus het rapport. Rivieren in Azië zijn de meest vervuilde ter wereld, met driemaal zoveel bacteriën van menselijk afval als het wereldwijde gemiddelde. Bovendien bevatten de rivieren daar meer dan twintig keer zoveel lood als de rivieren in geïndustrialiseerde landen.

Bevolkingsgroei

"De toekomst van vele delen van de wereld ziet er niet rooskleurig uit," zegt het rapport onder verwijzing naar de verwachte bevolkingsgroei. Een groei die een drijvende kracht achter de watercrisis zal blijven. Volgens het rapport nam de watervoorraad per hoofd van de wereldbevolking tussen 1970 en 1990 af met eenderde. En hoewel de bevolking minder snel groeit dan voorheen, zal de wereldbevolking in 2050 naar verwachting zijn toegenomen tot 9,3 miljard (in vergelijking met 6,1 miljard in 2001).

"Het waterverbruik is de afgelopen 50 jaar bijna verdubbeld. Een kind dat in de ontwikkelde wereld wordt geboren, verbruikt 30 tot 50 keer zoveel water als een kind in een ontwikkelingsland. Ondertussen daalt de kwaliteit van het water .... Iedere dag overlijden 6.000 mensen aan de gevolgen van diarree; vooral kinderen onder de 5 jaar," aldus het rapport. "Deze gegevens illustreren de enorme omvang van de wereldproblemen met betrekking tot water en verbazingwekkende verschillen in het gebruik ervan."

Politieke (on)wil

Tegen deze achtergrond gaat het rapport dieper in op elke belangrijke dimensie van waterverbruik en -beheer; van de groei van steden tot de dreiging van wateroorlogen tussen landen. Door alle hoofdstukken loopt dezelfde rode draad: of het nu gaat om het aantal kinderen dat sterft door ziekte of vervuilde rivieren, de watercrisis is een crisis van governance en van gebrek aan politieke wil om deze natuurlijke hulpbron op verantwoorde wijze te beheren.

Met meer dan 25 wereldkaarten, vele tabellen en grafieken, en zeven case studies van belangrijke rivierbekkens, wordt in het rapport geanalyseerd hoe verschillende samenlevingen met waterschaarste omgaan, inclusief beleid dat werkt of niet werkt.

"Wereldwijd ligt de uitdaging in het genereren van de politieke wil om watergerelateerde doelen te realiseren," volgens het rapport. "Waterprofessionals hebben behoefte aan een beter begrip van de bredere maatschappelijke, economische en politieke context, terwijl politici zich beter moeten informeren over kwesties op het gebied van waterbeheer. Anders blijft water een terrein voor politieke retoriek en hoge beloftes in plaats van broodnodige actie."

Het World Water Assessment Programme van de Verenigde Naties - de samenwerking van 23 VN-agentschappen die rond water werken en verantwoordelijk is voor dit rapport - zal in de toekomst regelmatig peilen naar de staat van het water en daarover rapporteren. Daartoe reikt het World Water Development Report een set gestandaardiseerde methodieken, gegevens en indicatoren aan.

 

Voor een overzicht over hoe de UNESCO zich inzet om de waterproblematiek mee te helpen oplossen, kan u terecht op www.unesco.org/water/



Het World Water Development Report - Water for People, Water for Life - kan u bestellen op http://upo.unesco.org/bookdetails.asp?id=4042



]]>
Water voor ontwikkelinghttp://www.unesco-vlaanderen.be/2003/5/1/water-voor-ontwikkelingThu, 01 May 2003 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2003/5/1/water-voor-ontwikkelingBinnen de familie van de Verenigde Naties zijn verschillende leden in het veld actief om via een beter beheer van de waterhulpbronnen de duurzame ontwikkeling te bevorderen. Water is van essentieel belang voor het leven - om te drinken, te baden, te koken, schoon te maken, motoren aan te drijven en ecosystemen te ondersteunen. Maar niet iedereen beschikt over de luxe om zomaar een kraantje te kunnen opendraaien. Voor sommige van de armste mensen van de wereld, betekent een beker water of een kom soep dat ze voor dag en dauw moeten opstaan om kilometers te voet af te leggen om een emmer water te halen. Dat is het lot van meer dan 1 miljard mensen. Zonder gemakkelijke toegang tot veilig water, brengen armen - en vooral meisjes en vrouwen - een groot deel van hun tijd door met het zoeken naar water. In sommige gebieden gaat de schaarste bovendien gepaard met een afnemende waterkwaliteit tengevolge van vervuiling en milieuverval. Gebrekkige watervoorraden en hygiëne leiden tot een hoge graad van watergerelateerde ziektes, beperkte mogelijkheden voor economische ontwikkeling en politieke en sociale spanningen. Kortom, gebrek aan water beknot de ontwikkeling.

Het besef dat water een cruciale rol speelt in duurzame ontwikkeling groeit, maar om te kunnen voldoen aan de vraag zijn een gecoördineerde aanpak en flinke fondsen noodzakelijk. Om aan de behoeften te voldoen werken regeringen, internationale instellingen, lokale gemeenschappen, ngo's en privé-bedrijven over de hele wereld aan innoverende projecten die moeten bewijzen dat de huidige obstakels kunnen overwonnen worden. De belangrijkste uitdaging daarbij is meestal het genereren van de nodige fondsen en knowhow en het vinden van het juiste evenwicht tussen steun van buitenaf en participatie van de lokale gemeenschap. Naast het uitwerken van beleidsrichtlijnen, het geven van technisch advies en het aanbieden van een forum voor het uitwisselen van ervaringen, zijn de Verenigde Naties een sleutelpartner in veel van deze projecten. De volgende paragrafen hangen een beeld op van hoe het er in het veld aan toegaat.

Regenwater vergaren

Masai vrouwen in Kenia nemen deel aan een baanbrekend project waardoor ze veel minder tijd verliezen met het zoeken en verzamelen van voldoende bruikbaar water. Het project draait om het vergaren van regenwater met speciale, goedkope, vaten en het graven van minireservoirs of "aardepannen". Het laat vrouwen toe om vers en onvervuild water te verzamelen in hun achtertuin in plaats van er vele kilometers voor te moeten afleggen.

Het project is onderdeel van een internationaal initiatief dat de Zweeds regering financiert en uitgevoerd wordt door EarthCare Africa, die het project ontwikkelde in opdracht van het Milieuprogramma van de VN (UNEP). Er staan gelijkaardige projecten op stapel in Nepal, India, Bhutan en het eiland Tonga.

Tot nu toe werden reservoirs die meer dan 520.000 liter regenwater kunnen vergaren, geïnstalleerd op drie locaties in Kenia. In een volgende fase worden moestuintjes gepland, want de halfvochtige grond vlak naast de minireservoirs leent zich uitstekend voor het kweken van gewassen.

Het project speelt ook in op de veranderde leefgewoonten van de Masai. Deze traditionele nomaden die leefden van de veehouderij, gaan zich steeds vaker settelen. De streek waarin ze rondtrokken om hun vee te laten grazen, wordt nu opgedeeld in percelen die eigendom zijn van individuen of bewonersgroepen. Daardoor moeten ze een meer diverse levensstijl aannemen en stijgt de vraag naar betrouwbare plaatselijke watervoorraden.

Irrigatie

Bangladesh heeft een van de hoogste concentraties arme mensen ter wereld en de natuurlijke rijkdommen staan er onder zware druk. In de jaren 1980 begonnen duizenden boeren er pedaalpompen te gebruiken - eenvoudige maar ingenieuze voetpompen die water uit bronnen, niet al te diep gelegen waterhoudende grondlagen en oppervlaktewater oppompen - om kleine percelen moestuinen te irrigeren in plaats van met zware emmers water te zeulen.

De Voedsel en Landbouw Organisatie (FAO) was overtuigd dat deze technologie Afrikaanse boeren kon helpen als ze zou worden aangepast aan de lokale omstandigheden en ter plaatse zouden kunnen worden geproduceerd. In samenwerking met het Internationaal Fonds voor Landbouwontwikkeling werden in 1996 plaatselijke producenten in Zambia opgeleid om de pompen te vervaardigen en te verkopen. Al snel ontplooide zich een netwerk van verkooppunten over het ganse land dat meer dan 1.000 pompen verkocht voor een prijs die schommelde tussen 75 en 125 euro. Gelijkaardige initiatieven met lokale fabrikanten zijn sindsdien opgestart in Burkina Faso, Malawi, Senegal en Tanzania.

Watervoorziening

Het West Afrika Water Initiatief, goed voor bijna 41 miljoen euro, is een publiekprivaat partnerschap om drinkwater en sanitair te voorzien in landelijke dorpen in Ghana, Mali en Niger. De verschillende partners uit de publieke en private sector, waaronder Unicef, hopen tegen 2008 in de drie landen 825 nieuwe waterputten, 100 alternatieve waterbronnen en meer dan 9.000 toiletten te hebben geïnstalleerd. Daarnaast zullen duizenden volwassenen, kinderen en leerkrachten voorlichting krijgen inzake hygiëne en sanitair.

Overstromingen voorkomen

In 1998 zetten overstromingen van de Yangtze - Azië's grootste rivier met een lengte van 6.300 kilometer - een gebied met een oppervlakte van 25,78 km2 blank. 3.656 mensen verloren het leven. De overstromingen veegden 5,7 miljoen huizen weg en beschadigden 7 miljoen andere, waardoor 14 miljoen mensen gedwongen werden te verhuizen. Het economische verlies bedroeg 32 miljard euro. Het UNEP identificeerde drie belangrijke milieufactoren die de impact van de enorme regenval vergrootten: sterke afname van de capaciteit van bossen en graslanden om water vast te houden tengevolge van ontbossing en overbegrazing, verminderde opslagcapaciteit van de rivier in de lager gelegen gebieden omwille van een afname van meren en moerassen, en het verzilten van de rivieren en moerassen in het Yangtze bekken als het resultaat van toenemende erosie.

Op basis van deze vaststellingen zette men een project op om de duizenden verloren meren en natuurlijke drainagesystemen te herstellen zodat de rivier - waarvan de oevers en het bekken de thuisbasis van 400 miljoen mensen vormen - beter kan omgaan met periodes van lange en zware regenval. Het project voltooide zijn pilootfase en komt op volle kracht midden 2003. Er zullen ook natuurlijke bossen, graslanden en anderen belangrijke habitats in de hoger gelegen gebieden van de rivier worden hersteld om zo bodemerosie tegen te gaan. Experts menen dat deze aanpak niet alleen het volume water dat de rivier kan vasthouden zal doen stijgen, maar dat het ook kan helpen om de globale opwarming tegen te gaan aangezien de rivier meer koolstofdioxide zal kunnen opnemen.

Sinds de overstromingen in 1998 werden ook nog andere maatregelen getroffen. In de provincie Sichuan werd een verbod op houthakken ingesteld en konden voormalige houthakkers aan de slag om bomen te planten en bossen te beheren. De maatregel geldt in gebieden die zwaar getekend zijn door ontbossing en verkeerde landbouwtechnieken op steile hellingen die vatbaar zijn voor erosie. Het inkomensverlies van landbouwers werd gecompenseerd.

Water recycleren

Suikerproductie die vertrekt van riet kan grote hoeveelheden water opslorpen. De San Francisco Ameca fabriek in de Mexicaanse deelstaat Jalisco, gebruikte tot 111 kubieke meter water voor elke ton suiker die ze produceerde. Na een doorlichting van de VN Organisatie voor Industriële Ontwikkeling (UNIDO) trof men maatregelen om water te recycleren en afval te beperken. Het resultaat was dat slechts 5 kubieke meter water per ton suiker gebruikt werd, een vermindering met 93%. Voorts werd de vervuiling die in het water terecht komt met 20% verminderd. De invloed is aanzienlijk te noemen als je weet dat de fabriek tijdens het jaarlijkse oogstseizoen 4.800 ton suikerriet verwerkt en ongeveer 500 ton suiker per dag produceert. Tussen de oogstseizoenen werden een aantal technische aanpassingen gedaan, zoals het scheiden van het riool- en het productieafvalwater, het beperken van het wegspoelen van olie en vet in de afvoerleidingen en het installeren van reservoirs om water op te slaan voor recyclage.

Investering

Als onderdeel van de inspanningen om de lokale besturen te versterken, werkte het VN Ontwikkelingsfonds (UNDP) samen met de regering van Malawi om pilootprojecten op te starten die uitgaan van participatieve planning en investeringen op districtsniveau. Het ontwikkelingscomité van het dorp Malizani besloot zo om een deel van de districtsfondsen te investeren in een nieuw zoetwatersysteem. De dorpelingen beschikken nu niet alleen over zuiver water, ze zagen ook hun levenskwaliteit vooruit gaan. Er zijn minder ziekten, schonere kleren en blijere gezichten.

Mensenrecht

Toen een nieuwe democratische regering de bestuursfakkel overnam in 1994 in Zuid-Afrika, hadden 14 van de 42 miljoen burgers geen toegang tot zuiver drinkwater. De grondwet van 1996 riep de toegang tot voldoende water uit als een mensenrecht en lokale overheden kregen subsidies om betaalbare watervoorzieningen te installeren. Tegen 2001 was het aantal mensen zonder toegang tot water teruggedrongen tot 7 miljoen. Het doel is om dat aantal tot nul te herleiden tegen 2008.

De acties ter bevordering van de hygiëne waren minder succesvol en een uitbraak van cholera in 2000 luidde de alarmbel. Ongeveer 49.000 toiletten voor 400.000 mensen werden sindsdien geïnstalleerd en men nam de ambitieuze doelstelling aan om tegen 2010 iedereen van sanitair te voorzien. Er kwam een multisectorale aanpak om de inspanningen te coördineren op het vlak van gezondheid, onderwijs, huisvesting, openbare werken, plaatselijk bestuur en milieuaangelegenheden, samen met een verhoging van de openbare uitgaven. Ook de vrouwenbeweging, ngo's en lokale bedrijven werden gemobiliseerd. Hygiënebewustzijn en verandering van publiek gedrag worden nu erkend als zijnde essentieel in de strijd tegen watergerelateerde ziekten.

Wereldwijde mobilisatie

Ondanks de vooruitgang die de hierboven aangehaalde initiatieven boekten, blijft er nog veel werk aan de winkel. Om de huidige negatieve mondiale watertrend om te buigen, is een wereldwijde gemeenschappelijke inspanning noodzakelijk die begint bij de publieke opinie en de politieke leiders. Water, Sanitation and Hygiene for All (WASH) is een sensibiliserings- en informatiecampagne om het politieke bewustzijn omtrent water te vergroten en acties te steunen die een einde moeten brengen aan het lijden van de 1,2 miljard mensen die geen toegang hebben tot veilig water en van de 2,4 miljard die verstoken blijven van elementaire sanitaire voorzieningen. WASH legt zich toe op het aanleren van basishygiëne aan schoolkinderen en gemeenschappen, als een noodzakelijke aanvulling bij de projecten die zich concentreren op het verbeteren van de infrastructuur voor watervoorziening en sanitair. Het wordt gecoördineerd via de afdeling Economische en Sociale Zaken van de VN.

 

Voor meer informatie over het Internationaal Jaar van het Zoetwater kan u surfen naar www.wateryear2003.org

]]>
VN stellen eerste Wereldwaterrapport voorhttp://www.unesco-vlaanderen.be/2003/3/5/vn-stellen-eerste-wereldwaterrapport-voorWed, 05 Mar 2003 00:00:00 GMThttp://www.unesco-vlaanderen.be/2003/3/5/vn-stellen-eerste-wereldwaterrapport-voorHet meest uitgebreide en actuele rapport over de staat van 's werelds waterhulpbronnen, rangschikt België helemaal onderaan voor wat de waterkwaliteit betreft en waarschuwt dat de politieke inactiviteit van de internationale gemeenschap de watercrisis mee in de hand werkt.

Gezien de "inactiviteit op het besluitvormend niveau" zal de wereldwijde watercrisis de komende jaren nooit eerder vertoonde hoogten bereiken, met een "groeiend tekort aan water per hoofd van de bevolking in vele ontwikkelingslanden", dat staat te lezen in een VN-rapport dat vandaag verschenen is. Watervoorraden zullen gestaag afnemen door bevolkingsgroei, milieuvervuiling en klimaatverandering.

Het World Water Development Report - Water for People, Water for Life - is het meest veelomvattende up-to-date overzicht van deze natuurlijke hulpbron. Vlak voor aanvang van het derde Wereld Water Forum (Kyoto, Japan, 16 t/m 23 maart) is het gepresenteerd. Het is de belangrijkste intellectuele bijdrage aan dat Forum en aan het Internationaal Zoetwaterjaar, dat wordt gecoördineerd door de UNESCO en de afdeling Economische en Sociale Zaken van de VN.

Bij het samenstellen van het rapport werkten alle VN-agentschappen en -commissies die zich met water bezighouden voor het eerst samen om de vooruitgang in kaart te brengen met betrekking tot water-gerelateerde doelstellingen op het vlak van gezondheid, voedsel, ecosystemen, steden, industrie, energie, risicomanagement, economische evaluatie, het delen van voorraden en governance. De 23 VN-partners werken samen in het World Water Assessment Programme (WWAP), waarvan de UNESCO het secretariaat voert.

Watercrisis

"Van alle maatschappelijke en natuurlijke crises waaraan de mensheid het hoofd moet bieden, is een oplossing voor de watercrisis het belangrijkst voor ons overleven en dat van de planeet Aarde," aldus UNESCO directeur-generaal Koïchiro Matsuura.

"Geen enkele regio is immuun voor deze crisis, die elk aspect van het menselijk leven omvat, van de gezondheid van kinderen tot het in staat zijn van landen om te voldoen aan de voedselbehoefte van hun bevolking", vervolgt Matsuura. "Watervoorraden worden steeds kleiner, terwijl de waterbehoefte drastisch stijgt in een onhoudbaar tempo. Naar verwachting daalt de gemiddelde watervoorraad per persoon de komende jaren wereldwijd met eenderde."

Ondanks het feit dat de bewijzen voor de crisis alomtegenwoordig zijn, is de politieke wil om deze trends om te keren onvoldoende aanwezig. Op een reeks internationale conferenties werd de afgelopen 25 jaar aandacht besteed aan vele aspecten van water, inclusief manieren om de water- en sanitaire voorzieningen te verzorgen die de komende jaren nodig zijn.

Verschillende doelen werden gesteld om het waterbeheer te verbeteren, maar "bijna geen enkele", aldus het rapport, "is bereikt."

"Problemen van houding en gedrag liggen ten grondslag aan de crisis," vervolgt het rapport: "Inactiviteit op besluitvormend niveau, en een wereldbevolking die zich niet of nauwelijks bewust is van de omvang van het probleem hebben ervoor gezorgd dat niet tijdig actie werd ondernomen".

Watervoorraad

Veel landen en gebieden verkeren al in een crisissituatie. Het rapport rangschikt meer dan 180 landen en gebieden op de beschikbare hoeveelheid vernieuwbaar water per hoofd van de bevolking. Dat betekent al het water dat in omloop is aan de oppervlakte, in de grond of de diepe bodem.

Het armst in termen van de beschikbaarheid van water is Koeweit (met 10 m³ per persoon per jaar), gevolgd door de Gazastrook (52 m³), de Verenigde Arabische Emiraten (58 m³), de Bahamas (66 m³), Qatar (94 m³), de Malediven (103 m³), Libië (113 m³), Saoedi-Arabië (118 m³), Malta (129 m³) en Singapore (149 m³).

De top-tien van waterrijkste landen (met uitzondering van Groenland en Alaska) luidt als volgt: Frans Guyana (812.121 m³ per persoon per jaar), IJsland (609.319 m³), Guyana (316.689 m³), Suriname (292.566 m³), Congo (275.679 m³), Papoea-Nieuw-Guinea (166.563 m³), Gabon (133.333 m³), de Solomoneilanden (100.000 m³), Canada (94.353 m³) en Nieuw- Zeeland (86.554 m³).

Medio de 21ste eeuw zullen op zijn slechtst 7 miljard mensen in 60 landen met waterschaarste kampen; op zijn best zijn dat 2 miljard mensen in 48 landen. Dit is afhankelijk van factoren als bevolkingsgroei en beleid. Volgens het rapport zal klimaatverandering verantwoordelijk zijn voor 20% van de toename van de waterschaarste. Natte gebieden zullen meer regen ontvangen, terwijl die zal afnemen in vele droge gebieden en zelfs in sommige tropische en subtropische regio's. De waterkwaliteit zal dalen door toenemende watervervuiling en hogere watertemperaturen.

De watercrisis "zal verergeren, ondanks het voortgaande debat over de vraag of zij eigenlijk wel bestaat," aldus het rapport. Per dag wordt circa 2 miljoen ton afval gedumpt in rivieren, meren en stromen. Eén liter afvalwater vervuilt circa acht liter zoetwater. Volgens berekeningen in het rapport is de totale omvang van vervuild water wereldwijd naar schatting 12.000 km³. Dat is meer dan de hoeveelheid water die op een willekeurig moment in totaal aanwezig is in de tien grootste rivierbassins van de wereld. Als de vervuiling gelijke tred houdt met de bevolkingsgroei, dan zal de wereld rond 2050 zo'n 18.000 km³ zoetwater zijn kwijtgeraakt. Dat is bijna negenmaal de totale hoeveelheid water die jaarlijks wereldwijd voor irrigatie wordt gebruikt. Irrigatie slokt met 70% het grootste deel van deze natuurlijke hulpbron op.

Waterkwaliteit

122 landen zijn in het rapport gerangschikt op hun waterkwaliteit en op hun mogelijkheden en wil om de situatie te verbeteren. België bengelt helemaal onderaan vanwege de lage kwantiteit en kwaliteit van het grondwater in combinatie met de zware industriële vervuiling en het slecht omgaan met afvalwater. Het wordt gevolgd door Marokko, India, Jordanië, Soedan, Niger, Burkina Faso, Burundi, de Centraal-Afrikaanse Republiek en Rwanda.

De lijst van landen met de beste waterkwaliteit wordt aangevoerd door Finland, gevolgd door Canada, Nieuw-Zeeland, het Verenigd Koninkrijk, Japan, Noorwegen, de Russische Federatie, Zuid-Korea, Zweden en Frankrijk.

"De armen worden nog steeds het zwaarst getroffen; 50% van de bevolking in ontwikkelingslanden wordt blootgesteld aan vervuilde waterbronnen," aldus het rapport. Rivieren in Azië zijn de meest vervuilde ter wereld, met driemaal zoveel bacteriën van menselijk afval als het wereldwijde gemiddelde. Bovendien bevatten de rivieren daar meer dan twintig keer zoveel lood als de rivieren in geïndustrialiseerde landen.

Bevolkingsgroei

"De toekomst van vele delen van de wereld ziet er niet rooskleurig uit," zegt het rapport onder verwijzing naar de verwachte bevolkingsgroei. Een groei die een drijvende kracht achter de watercrisis zal blijven. Volgens het rapport nam de watervoorraad per hoofd van de wereldbevolking tussen 1970 en 1990 af met eenderde. En hoewel de bevolking minder snel groeit dan voorheen, zal de wereldbevolking in 2050 naar verwachting zijn toegenomen tot 9,3 miljard (in vergelijking met 6,1 miljard in 2001).

"Het waterverbruik is de afgelopen 50 jaar bijna verdubbeld. Een kind dat in de ontwikkelde wereld wordt geboren, verbruikt 30 tot 50 keer zoveel water als een kind in een ontwikkelingsland. Ondertussen daalt de kwaliteit van het water .... Iedere dag overlijden 6.000 mensen aan de gevolgen van diarree; vooral kinderen onder de 5 jaar," aldus het rapport. "Deze gegevens illustreren de enorme omvang van de wereldproblemen met betrekking tot water en verbazingwekkende verschillen in het gebruik ervan."

Politieke (on)wil

Tegen deze achtergrond gaat het rapport dieper in op elke belangrijke dimensie van waterverbruik en -beheer; van de groei van steden tot de dreiging van wateroorlogen tussen landen. Door alle hoofdstukken loopt dezelfde rode draad: of het nu gaat om het aantal kinderen dat sterft door ziekte of vervuilde rivieren, de watercrisis is een crisis van governance en van gebrek aan politieke wil om deze natuurlijke hulpbron op verantwoorde wijze te beheren.

Met meer dan 25 wereldkaarten, vele tabellen en grafieken, en zeven case studies van belangrijke rivierbassins, wordt in het rapport geanalyseerd hoe verschillende samenlevingen met waterschaarste omgaan, inclusief beleid dat werkt of niet werkt.

"Wereldwijd ligt de uitdaging in het genereren van de politieke wil om water-gerelateerde doelen te realiseren," volgens het rapport. "Waterprofessionals hebben behoefte aan een beter begrip van de bredere maatschappelijke, economische en politieke context, terwijl politici zich beter moeten informeren over kwesties op het gebied van waterbeheer. Anders blijft water een terrein voor politieke retoriek en hoge beloftes in plaats van broodnodige actie."

Het World Water Assessment Programme van de Verenigde Naties - de samenwerking van 23 VN-agentschappen die rond water werken en verantwoordelijk is voor dit rapport - zal in de toekomst regelmatig peilen naar de staat van het water en daarover rapporteren. Daartoe reikt het World Water Development Report een set gestandaardiseerde methodieken, gegevens en indicatoren aan.

Het rapport wordt officieel gepresenteerd aan de internationale gemeenschap op Wereld Water Dag, 22 maart, tijdens het Wereld Water Forum in Kyoto. Een serie paneldiscussies van hoog niveau zal worden georganiseerd om de uitkomsten van het rapport door te nemen.

Voor meer informatie over:

Wereld Water Dag: www.waterday2003.org

Internationaal Zoetwaterjaar: www.wateryear2003.org

UNESCO en water: www.unesco.org/water/

]]>