Unesco en Belgische experts helpen Bolivia bij het beschermen en ontsluiten van het cultureel onderwatererfgoed van het Titicacameer.

Het beroemde Titicacameer, gelegen op 3.810 m hoogte in de Andes tussen Peru en Bolivia, is het hoogstgelegen bevaarbare meer ter wereld. Het is een plaats van uitzonderlijke schoonheid en rijke culturele tradities rond inheemse sites. Men zegt dat de wateren van het Titicacameer de bakermat zijn van de Andes-beschavingen, waaronder de Inca en Tiwanaku. Doordat het water doorheen de tijd is gestegen en veel oude gebouwen aan het meer onder de golven zijn begraven, ontstond de interesse om het meer archeologisch te onderzoeken.

Archeologisch onderzoek

Na expedities ondernomen door Jacques-Yves Cousteau in 1968 en Johan Reinhard in 1989 en 1992, startte Bolivia in 2012 archeologische activiteiten in en rond het meer met de Université Libre de Bruxelles (ULB). 220 dagen onderzoek met meer dan 1.350 duiken brachten ongeveer twintig ondergedompelde sites en meer dan 20.000 objecten aan het licht die dateren uit de Tiwanaku-periode (300-1150 n.Chr.) tot de Inca-periode (1400-1532 n.Chr.). Onder de gevonden onderwatersites bevonden zich inheemse offerplaatsen, prehistorische havens en oude dorpen.

In 2017 is Bolivia toegetreden tot de Unesco-conventie voor de bescherming van het cultureel onderwatererfgoed (2001). Dat is een instrument dat landen helpt om hun onderwatererfgoed te beschermen, inclusief technische en wetenschappelijke begeleiding en voorbeeldpraktijken. In 2018 bracht een Unesco-workshop regionale experts naar het Titicacameer. Ze bespraken er  wetenschappelijk onderzoek en de bescherming van het cultureel onderwatererfgoed, de rol ervan in duurzame ontwikkeling en een project voor de oprichting van een onderwatermuseum.

Een team van archeologische duikers onder leiding van Dr. Christophe Delaere (ULB) is met steun van Unesco en het Boliviaanse ministerie van Cultuur begonnen aan een nieuwe expeditie in het
Titicacameer. Het team bestaat uit 27 archeologen, antropologen, curatoren, ingenieurs en technici uit België, Bolivia en Frankrijk. Ze werken samen met de lokale bevolking en zorgen ervoor dat alle gevonden objecten in de gemeenschap blijven.

Onderwatermuseum

Tegelijkertijd plannen Unesco, het Boliviaanse ministerie van Cultuur, Belgische experts en vertegenwoordigers van lokale inheemse gemeenschappen samen een drijvend, half-onderwater museum in het Titicacameer. Het museum wil zorgen voor het behoud van archeologische sites, zowel onder water als aan de oevers van het meer. Bezoekers zullen de onderwaterschatten kunnen ontdekken door glazen wanden. Het museum zal gevonden objecten tonen en de historische en antropologische context ervan duiden. De verwachting is dat het project nieuwe bezoekersstromen naar de Boliviaanse oever van het meer zal brengen en werkgelegenheid creëren voor de lokale bevolking.

Initiatieven zoals dit om het cultureel onderwatererfgoed van het van het Titicacameer te verkennen, te bereiken en te beschermen, dragen bij aan het behoud van tastbaar en levend erfgoed van lokale gemeenschappen, aangezien deze ondergedompelde en opgegraven sporen van het verleden nauw verbonden zijn met hun culturele gebruiken.