De archeologische site van Palmyra, in het oosten van Syrië, heeft haar integriteit en authenticiteit grotendeels bewaard ondanks de ernstige schade die terreurgroep Islamitische Staat (IS) er heeft aangericht. Dat zijn de conclusies van een eerste bezoek van Unesco-experten aan de werelderfgoedsite.

De experten gingen van 24 tot 26 april 2016 naar Syrië om ter plaatse een eerste stand van zaken te maken van de vernielingen op de archeologische site en in het museum van Palmyra.

De deskundigen stelden aanzienlijke schade in het museum van Palmyra vast. Het merendeel van de grote standbeelden, sarcofagen en sculpturen die niet in veiligheid konden worden gebracht, zijn vernietigd. De brokstukken liggen overal verspreid op de grond.

Op de archeologische site stelden de Unesco-deskundigen onder meer de vernietiging vast van de triomfboog en van de tempel van Baal Shamin die volledig stuk is geslagen. Doordat er op de site nog volop ontmijningsoperaties aan de gang zijn, kon de schade aan onder andere de tempel van Bel enkel vanop afstand worden ingeschat.

Desalniettemin zien de experten van Unesco een lichtpunt. Ondanks de vernietiging van verschillende iconische bouwwerken, heeft Palmyra veel van haar integriteit en authenticiteit kunnen bewaren.

Unesco benadrukt dat het om een voorlopige conclusies gaat. De Organisatie voorziet later nog een internationale missie van experten om de schade aan het Syrische erfgoed, waaronder Palmyra, meer in detail te bekijken. Op de 40ste vergadering van het Werelderfgoedcomité, die in juli in Istanboel plaatsvindt, zullen aanbevelingen voor de bescherming van het erfgoed worden geformuleerd. Op 2 en 3 juni 2016 vindt in Berlijn ook al een internationale conferentie plaats over de vrijwaring van het Syrische patrimonium.


De bescherming van cultureel erfgoed in geval van gewapende conflicten

Campagne tegen aanvallen op cultuur en identiteit