Op 10 december 1991 verscheen een essay van de Syrische journalist Nizar Nayyouf, uitgegeven door het Comité voor de Verdediging van de Democratische Vrijheid en de Mensenrechten (CDF), waarvan hij één van de oprichters is. Het was een aanklacht tegen de "aanslag op de openbare en democratische rechten", "de dagelijkse agressie van de veiligheidsdiensten" en het herinnerde aan "de velen die vergeten zijn achter de tralies van de staat van beleg". Op 10 januari 1992 werden zijn vrouw Nada en hun tweejarig dochtertje Sara opgepakt. 18 dagen later, gaf Nizar Nayyouf zichzelf aan. De 45-jarige Syrische werd veroordeeld tot 10 jaar gevangenis. 9 jaar later, op 6 mei 2001 kwam hij vrij.

Slechte gezondheid

Nayyoufs gezondheid had erg te lijden onder het gevangenisregime. Zijn benen zijn gedeeltelijk verlamd: een gevolg van de folteringen die hij onderging. Zijn gezicht is getekend door brandwonden. Hij leefde al die tijd geïsoleerd in Mezze militaire gevangenis in Damascus en zou aan kanker lijden, maar kreeg daarvoor geen medische verzorging.

UNESCO Directeur-Generaal Koïchiro Matsuura toont zich verheugd met de vrijlating: "Iedereen die strijdt voor vrije meningsuiting zal opgelucht adem halen bij het nieuws van Nizar Nayyouf's vrijlating na 9 jaar opsluiting. De UNESCO verwelkomt de beslissing van de Syrische autoriteiten en hoopt dat Nizar Nayyouf, die ernstig ziek is, naar het buitenland zal kunnen reizen voor medische verzorging."

Persvrijheid

"Dit is de derde keer dat een gevangen gezette laureaat van de UNESCO/Guillermo Cano World Press Freedom Prize wordt vrijgelaten," aldus nog Matsuura. Eerder riep de Directeur-Generaal op 3 mei, tijdens de viering van de Werelddag voor de Persvrijheid in Windhoek (Namibië), de autoriteiten van Syrië en Myanmar nog op om Nizar Nayyouf en U Win Tin (de laureaat van persvrijheidspijs van dit jaar) vrij te laten.

De UNESCO/Guillermo Cano Prijs wordt elk jaar door een internationale jury toegekend aan een persoon, organisatie of instelling die een belangrijke bijdrage leverde aan de verdediging en/of promotie van de persvrijheid en past binnen het streven van de UNESCO om vrije uitwisseling van informatie, persvrijheid, pluralisme en mediaonafhankelijkheid te bevorderen. De Prijs is genoemd naar de Colombiaanse journalist Guillermo Cano die zijn onderzoeksjournalistiek naar de activiteiten van de drugsbaronnen met zijn leven moest bekopen.