Unesco Vlaanderen

“Een Werelderfgoedlabel geeft prestige en internationale zichtbaarheid. Verwacht geen grote zak geld”

Gepubliceerd op 18/03/2026 door Vlaamse Unesco Commissie

Piet Geleyns over de nominatie van De Vooruit op de lijst Werelderfgoed

Piet Geleyns is binnen het agentschap Onroerend Erfgoed focal point voor de Werelderfgoedconventie. Hij was tot 2019 ambtelijk lid van de Vlaamse UNESCO Commissie. We spraken met hem over de mogelijke erkenning van De Vooruit in Gent als Werelderfgoed, de betekenis van zo’n label en de rol van Vlaanderen binnen de internationale erfgoedcontext van UNESCO.

Vooruit maakt deel uit van een internationale seriële nominatie rond de zogenaamde Workers’ Assembly Halls, gebouwen die symbool staan voor de opkomst van de arbeidersbeweging en haar rol in de sociale en democratische ontwikkeling van de afgelopen anderhalve eeuw.

Volgens Piet Geleyns blijft een bezoek aan Vooruit mensen telkens opnieuw verrassen. Vooral wanneer bezoekers het gebouw echt ontdekken, kamer per kamer. “Als je op ontdekkingsreis door het gebouw gaat, merk je hoe bijzonder het is. Het is een gebouw met heel verschillende ruimtes en functies. Mensen worden altijd opnieuw enthousiast wanneer ze zien wat er allemaal gebeurt.”

Het gebouw wordt vandaag beheerd door de kunstorganisatie VIERNULVIER, die volgens Geleyns niet alleen zorgt voor het behoud van het pand, maar ook probeert het gebouw maximaal te laten leven. “VIERNULVIER probeert zoveel mogelijk met het gebouw te doen. Dat enthousiasme voel je bij bezoekers. Het blijft een plek waar veel gebeurt.”

Restauratie met het oog op de toekomst

De huidige grote restauratie van het gebouw startte ongeveer tien jaar geleden. Die beslissing stond los van de mogelijke Werelderfgoedstatus. “Het idee van werelderfgoed zat toen wel ergens in een paar achterhoofden, maar was zeker nog niet concreet.”

De restauratie had uiteraard te maken met de toestand van het beschermde gebouw. Maar de campagne was ook bedoeld om het gebouw aan te passen aan hedendaagse normen en klaar te maken voor de toekomst. “Denk bijvoorbeeld aan verbeterde toegankelijkheid met een nieuwe lift, veiligheidsnormen zoals trapleuningen die te laag waren of ventilatie die niet meer voldeed. Maar ook duurzaamheid speelt een rol.”

Zo werden onder meer zonnepanelen geplaatst en wordt er nagedacht over geothermische verwarming. De werken worden gefaseerd uitgevoerd over een periode van ongeveer twintig jaar.

Wat betekent het UNESCO Werelderfgoedlabel?

Een erkenning als werelderfgoed brengt volgens Geleyns geen directe financiële voordelen met zich mee. “Het levert eigenlijk niets op in de zin dat er geen extra bescherming komt of dat UNESCO plots met geld over de brug komt.”

Integendeel: een erkenning kan ook extra verantwoordelijkheid met zich meebrengen. “Je zou het zelfs kunnen zien als een extra paar ogen die meekijken naar wat er met het gebouw en de omgeving gebeurt.” Toch is het label bijzonder waardevol. “Het is een prestigieuze erkenning die internationale zichtbaarheid kan creëren.”

Nieuwe kansen voor publiek en toerisme

Het Werelderfgoedlabel kan ervoor zorgen dat een nieuw publiek De Vooruit ontdekt – ook internationaal. “De Vooruit is in Vlaanderen zeer bekend, maar voor buitenlandse bezoekers die Gent ontdekken is het misschien een verborgen parel. Zo’n label kan het gebouw op hun radar zetten.”

Een mogelijke erkenning opent ook ruimere toeristische perspectieven. In Gent liggen immers meerdere Werelderfgoedsites relatief dicht bij elkaar. “Je zou bij wijze van spreken een route kunnen maken: van het Belfort naar Vooruit en dan verder naar het Klein Begijnhof.”

Voor sommige toeristen is een werelderfgoederkenning een echt kwaliteitslabel. “Er bestaat een publiek dat graag werelderfgoed afvinkt op een soort bucketlist.” Tegelijk blijft het belangrijk om een evenwicht te bewaren. “De vraag blijft altijd: wanneer worden toeristen te veel toeristen?”

 

 

“De vraag blijft altijd: 

wanneer worden toeristen 

te veel toeristen?”

De rol van Vlaanderen binnen het Werelderfgoedcomité

België was de voorbije jaren één van de 21 leden van het uitvoerende comité van de Werelderfgoedconventie. In die periode probeerde Vlaanderen vooral de basisprincipes van de Conventie te verdedigen. “We waren zeker aanwezig in de debatten. Vooral wanneer we vonden dat de principes van de Conventie uitgehold werden. Maar we hebben er bijvoorbeeld ook voor gezorgd dat Odesa in Oekraïne met spoed erkend werd als werelderfgoed, na de Russische inval”

Een belangrijk discussiepunt blijft de geografische balans van de werelderfgoedlijst. “Meer dan de helft van de sites ligt nog altijd in Europa en Noord-Amerika. Dat probleem is al decennia bekend.” Daardoor ontstaat soms een spanningsveld tussen westerse landen en andere regio’s. “Het lijkt soms alsof er voor westerse dossiers strenger wordt geoordeeld, terwijl dossiers uit andere regio’s soms soepeler behandeld worden.”

Sinds eind 2025 is België geen lid meer van het comité en heeft het enkel nog een waarnemende rol. Toch blijft Vlaanderen een actieve rol opnemen. Zo bekijkt men om een meerdaags overleg van de Europese focal points werelderfgoed in Vlaanderen te laten plaatsvinden.

Erfgoed is meer dan oude stenen bewaren

Binnen het werelderfgoedbeleid groeit ook de aandacht voor immateriële dimensies van erfgoed, zoals tradities, betekenis en beleving. In oktober vindt in Leuven een internationale studiedag plaats over die holistische benadering, aan de hand van de begijnhoven als case.

Bij sommige sites speelt die combinatie van materieel en immaterieel erfgoed een belangrijke rol. “Bij de in 2023 erkende sites van de Eerste Wereldoorlog staat bijvoorbeeld de herdenkingstraditie centraal. Daar gaat het dus ook om sereniteit en bezinning. Dat zijn geen stenen elementen, maar ze bepalen wel hoe je zo’n plek ervaart, zegt Piet Geleyns”

Voor Vooruit ligt dat iets complexer. “Het gebouw is historisch verbonden met de arbeidersbeweging, maar die link is vandaag minder prominent.” De Vooruit heeft bijvoorbeeld wel nog steeds een rol in de jaarlijkse 1-meiviering en het gebouw is ook nog eigendom van de oorspronkelijke coöperatieve. Maar vandaag functioneert het gebouw vooral als een open cultureel huis.