Je bent hier:

Slavenhandel-film doet debat oplaaien

Cultuur

De film 'Adangaman', die de rol die Afrikanen speelden in de transatlantische slavenhandel onderzoekt, weekte beroering los bij de toeschouwers op het tweejaarlijkse Pan-Afrikaanse Film en Televisie Festival (maart 2001) in Burkina Faso. Ontroerde festivalgangers vinden het dringend tijd dat er een vorm van schadeloosstelling komt voor de nabestaanden van de slachtoffers van deze tragedie.

Aangrijpend verhaal

'Adangaman' is een fictiefilm die niet op een specifieke historische gebeurtenis is gebaseerd, zo luidt het bij de Ivoriaanse regisseur Roger Gnoan M'Balla. Hij draaide de film in het Nationaal Park Marahoue van Ivoorkust, maar de scènes hadden zich evengoed op de kusten van Angola, Benin of Senegal (waar de meeste slavenhandel plaatsvond) kunnen afspelen. De film vertelt het verhaal van Adangaman, een Afrikaanse koning uit de streek van de Golf van Guinea, die zijn gevangenen als slaven verkocht aan de Europese slavenhandelaars in ruil voor wapens en rum. De film toont ook hoe bepaalde Afrikanen andere Afrikanen tot slaven maakten. 'Adangaman' kostte 2 miljoen dollar en is een coproductie van Burkina Faso, Italië, Zwitserland, Ivoorkust en Frankrijk.

"Er moet op zijn minst een morele schadeloosstelling komen," zo meent de Zuid-Afrikaanse journaliste Liesl Louw. "De schade die de slavenhandel aan het ganse continent berokkende, moet overal ter wereld bekend gemaakt worden. Als Afrikaanse kan ik moeilijk begrijpen waarom zoveel mensen over de Holocaust praten en er talrijke boeken aan gewijd worden, terwijl niemand het ooit lijkt te hebben over de slavernij."

Betere kennis

Louw geeft toe dat het oprakelen van het verleden maar een beperkt effect kan hebben. Maar ze voegt er meteen aan toe: "Net als in Zuid-Afrika, waar we ons verleden proberen te begrijpen, hebben opgeleide mensen een rol te spelen in het blootleggen van de historische feiten, zodat toekomstige generaties -zowel in Afrika als Europa- zullen weten wat er zich echt heeft afgespeeld."

De regisseur van zijn kant, denkt dat meer mensen met de geschiedenis van de slavernij vertrouwd zouden zijn als er meer films over het thema zouden worden geproduceerd. "Meer dan 250 miljoen Afrikanen werden over de Atlantische Oceaan getransporteerd over een tijdspanne van 400 jaar. Wereldoorlog I duurde slechts 4 jaar, maar er verschenen wel dozijnen boeken en films over," aldus Gnoan M'Balla.

Wereldconferentie

Tijdens de VN Wereldconferentie over Racisme, Rassendiscriminatie, Vreemdelingenhaat en Intolerantie, die van 31 augustus tot 7 september gehouden wordt in Zuid-Afrika, zal het debat over schadeloosstelling hoogstwaarschijnlijk ook terug komen bovendrijven. De organisatoren waarschuwden evenwel al dat ze niet zullen toelaten dat het de andere debatten overschaduwt.

Goan M'Balla zegt dat de vraag voor schadeloosstelling van landen waar slavenhandel georganiseerd werd, resulteert in een "ambigu debat", gezien de betrokkenheid van sommige Afrikanen bij de handel. "Als er een compensatie moet komen, moeten we dan de koper of de verkoper aansprakelijk stellen?" vraagt hij zich af. "Het zijn zij die werden weggebracht en verkocht die moeten worden vergoed, want sommige Afrikanen die bleven, spanden samen met de Europese handelaars," merkt de regisseur op.

Moeilijk debat

"De Europeanen konden nooit greep krijgen op een continent als Afrika om onze sterkste kinderen te stelen, zonder de hulp van collaborateurs," voegt hij eraan toe. "De zwarte koningen die andere zwarten tot slaven maakten, zorgden er zo voor dat hun kinderen in de Nieuwe Wereld in de slavernij terecht kwamen. Wie kunnen we daarvoor vandaag vergoeden?"